Mijnsheerenland
31/05/2008

 

De Meijtuinklik op het plaatje

Het Hof van Moerkerkenklik op het plaatje

 

 

 

29, 30, 31 mei en 1 juni 2008
'Het Hof van Moerkerken' was vier dagen 'Het Hof van Eeden'

 

Lees hier meer over Het Hof van Moerkerken en over het festival

 

De Meijtuin

Op zaterdagochtend, 31 mei 2008, vertrokken Hans en ik naar Zuid-Holland om daar de sfeer te proeven van het Festival van Eeden op het prachtige domein van Het hof van Moerkerken in Mijnsheerenland.
Vermits wij het graag rustig aan doen en zo lang mogelijk wilden genieten van dit uitstapje, hadden we een B&B geboekt in de buurt om daar de nacht door te brengen na onze wandeling.

Toen we aankwamen op ons logeeradres – De Meijtuin, in Klaaswaal - wachtte ons al een eerste aangename verrassing. De woning bleek gelegen midden in een prachtige, sprookjesachtige planten- en bloementuin waar wij, als gasten, vrij mochten in rondkuieren.   We kregen een zeer comfortabele kamer, met een groot balkon, vanwaar we een schitterend uitzicht hadden op de tuin.
Ook bleek er achterin nog een theehuisje te staan, waar we konden genieten van een kopje troost met koek. En daarachter lag nog eens een mini-kwekerij waar plantjes voor in de eigen tuin, aan zeer democratische prijzen, konden aangeschaft worden., iets waar Hans dankbaar gebruik van heeft gemaakt.

Alleen al het verblijf in de Meijtuin was het waard om hierheen te rijden.  Via de daar gemaakte plaatjes laat ik je mee genieten en wil ik ook onze gastvrouw, mevr. Kooiman-Meij nog eens extra bedanken voor het hartelijke onthaal dat we bij haar kregen.  

welkom

even bijkomen na de reis

bijzondere

bloemen

de vijvertuin

met zithoekje

rustig plekje

de kleine Johannes? Of is het Windekind?

labyrinth?

 onze gastvrouw

schaduwrijk rustplekje

de voortuin

geurige rozen

langs het tuinpad

doorkijkje

van de andere kant

te koop

helemaal het einde


 

Het Hof van Moerkerken - Het Hof Van Eedenfestival


DVD: naar aanleiding van dit festival maakte Maatje van Eck een prachtige documentaire over het Hof van Moerkerken en de geschiedenis van de bewoners.
De titel is: Daar heeft mijn lijf zijn thuis - een citaat uit een gedicht van Frederik van Eeden.
De DVD kan besteld worden via de website van Maatje:
Studio 103
Zelf heb ik de documentaire meteen besteld en ik kan deze zeer aanbevelen. Het zijn schitterende beelden en boeiende verhalen.


 Kennismaking en achtergrondinformatie via oude geschriften.[1]

 

‘Zoete tijd, kom weder, kom 0 kom!' dichtte Frederik van Eeden in 1882 tijdens of kort na een verblijf van enkele weken op de Hof van Moerkerken in Mijnsheerenland. De Hof - 't Hof in de wandeling ­was de buitenplaats van de ambachtsheren van Mijnsheerenland van Moerkerken, een heerlijkheid in de Hoekse Waard die van 1880 tot 1894 in het bezit was van Jan van Gennep, een oom van Van Eedens eerste vrouw Martha van Vloten. De ambachtsheerlijkheid bevond zich sinds 1764 in de familie, men bracht de zomermaanden meestal op 't Hof door.

Voor Johannes van Vloten en zijn vrouw Betsy van Gennep, een zusje van Jan, later voor hun kinderen en voor de vele nichtjes en neefjes was het een paradijselijk vakantieoord.

'Ik ben den ganschen dag buiten, doch kom nooit van het buiten af', schreef Van Eeden in 1885 vanaf 't Hof aan Albert Verwey, weinig vermoedend dat deze er vier jaar later, als verloofde van Martha's zusje Kitty, een week zou doorbrengen.

Het Hof inspireerde beide Tachtigers tot gedichten, bovendien stond het model voor het buiten Merwestee in Van Eedens roman Van de koele meeren des doods.[2]

 

O schoon Mijnsheerenland 0 dal vol zoetigheden[3]

O wereldsch paradijs, 0 zielverrukkend Eden

Wiens hof wel slakken voort kan brengen maar geen slangen

Ik wijd aan U mijn lof mijn lied mijn dankbre zangen

Gelukkig sterveling wien 't ooit mocht wedervaren

't Zij door de esschenlaan 't zij over 's Maasstrooms baren

Per stoomboot of karos dit lustoord te genaken

begrijpt het dichtervuur dat in mijn hart wil blaken

Als ik dit land herdenk van vrede en idé-alen (F.v.Eeden)

 

'van de koele meren'

de film

 

Uit: Brieven van Frederik van Eeden:

 

Je kunt je geen denkbeeld maken van die heerlijke rust en eenzaamheid hier. Het is een groote, breede kalmte - water, riet, een wijde, vrije hemel en groote boomen, waarop des avonds de reigers terug keeren van hun vischtochten. Het dorp bestaat uit enkele huizen, het buiten ligt geheel eenzaam aan het water, dat een stil meer is.

Het water is meestal volkomen eenzaam, niets als schuifelen van riet en kab­belen van golfjes en 't ruischen van de boomen en 't schreeuwen van een rei­ger, - aan den overkant heel stil en wazig ligt een stil dorpje, met kerkje en molen, Westmaas - dat lijkt alsof 't alleen tot decoratie dient, men ziet er nooit iets gebeuren of veranderen, men hoort er geen geluid van komen, dan alle uren een droomerig dorpsklokje. 0 als dat besef niet bleef van die wereld en al dat tobben en behevigen daar, wat zou ik hier gelukkig zijn. Mijn dagen hier verdeel ik meestal zoo: 's morgens 7 uur op, dan wandel ik door den bloe­mentuin naar 't water, daar ligt een vlot en er is een bank in 't water gebouwd, waaraan een kruisnet hangt - 's morgens is het daar heerlijk in de zon. ….

 

Aldus de aanhef van een brief van Frederik van Eeden, geschreven in juni 1889 te Mijnsheerenland. Al sinds zijn verlovingstijd bracht hij in dit dorp in de Hoekse Waard enkele zomerweken door. Hij logeerde dan op 't Hof van Moerkerken bij de familie van Jan van Gennep, een oom van Martha van Vloten. Deze traditie was in 1882 begonnen, toen Van Eeden zijn medische studie net had voltooid. In de jaren die volgden schreef hij van hieruit menige geestdriftige brief aan zijn ouders, aan vrienden zoals Albert Verwey en aan vriendinnen. Verscheidene daarvan zijn bewaard gebleven, sommige zelfs gedrukt. Terecht, want het zijn kleine staaltjes van beschrij­vingskunst, geestig en kleurrijk en ze schetsen een paradijselijk beeld van het landelijke leven eind vorige eeuw.  [4]

 

In Tweespalt, het eerste deel van zijn omvangrijke biografie, stelt Jan Fontijn vast, dat voor Frederik van Eeden en diens verloofde Martha van Vloten in de zomer van 1882 een tien jaren durende traditie begon om samen de vakantie door te brengen in het dorp Mijnsheerenland, op het fraaie buitenverblijf 't Hof van Moerkerken. Op het Hof heeft Van Eeden menige bladzijde van zijn werken geschreven, onder meer van Johannes Viator. Bij zijn kennismaking met het dorp in de Hoekse Waard schreef hij al dadelijk opgetogen aan zijn ouders in Haarlem over zijn indrukken.

 

Mijnsheerenland, zomer 1882

 

[5]Lief ouderenpaar! U zult wel wat brommen met u beidjes over mijn lui­heid, maar de tijd gaat hier zoo gauw om en ik doe zoo precies waar ik op 't oogenblik lust in heb dat ik voor dat ik aan 't schrijven kom al weer wat anders verzonnen heb dat ik liever doe. Het is hier een aardsch paradijsje. Ik denk onophoudelijk aan Keizer Seged maar tot nog toe is er niets mijn kalm geluk komen verstoren er is geen kroko­dil uit de Maas komen kruipen en geen slaaf heeft mijn gouden ring gestolen want ik heb geen slaven en ringen hier, alleen honden en rozen.

Ik zal trachten te beschrijven hoe het hier is, dan moet u mijn brief bewaren. Stel u voor een groot, ouderwetsch huis met een deftige op­rijlaan een eendenvijver met eenden, zwanen en pauwen aan de kant. Maar alles vrij klein - het doet mij denken aan een buiten aan de Vecht. De overeenkomst daarmee is nog sterker aan de achterkant van het huis. Daar staan prachtige zware kastanje boomen met klimop en heeft men een prachtig gezicht over den bloemtuin op de Maas. De tuin is heerlijk aangelegd en nooit zag ik zooveel rozen bij een, de geheel omtrek is van rozengeur vervuld. lederen morgen steken we ons ver­sche rozen op hoeden en jassen en het huis is er steeds vol van.

Van uit de Maas loopt een 'haven' in het buiten, dwars door de tuin naar het schuitenhuis.

Aan de linkerkant is de eigenlijk wandeling, bestaande in een stuk boschgrond, om een weiland heen. Daar is het prachtig als de maan schijnt. Er groeien wilde aarbeitjes en er kruipen enorm veel slakken. Achteraan is een laan waaraan alle familie leden en paren hunnen naam snijden in de beuken boomen. Wij zijn er ook mee bezig.

Het is hier een heerlijk leven ik loop den ganschen voormiddag in een gezellig oud jasje, met een witten vilthoed op, waarop een reigerveer met een roos is vastgestoken.

Martha draagt een fez met een witte roos.

 

 

 

[6]Niet alleen in het werk van Frederik van Eeden zijn sporen terug te vinden van zijn vakanties in Mijnsheerenland. Ook bij zijn zwager Albert Verwey vinden we herinneringen aan het buiten van de fami­lie van zijn vrouw, Kitty, en zijn schoonzuster, Martha:

 

1

Waar 't oude huis stond met de groene blinden

En kalm de stroom om vlot en vlonder zwom,

Kwamen wij toen de zon op 't hoogste klom

En 't boomooft zwol van vrucht-zoetende winden.

 

Vroeg als door 't hoog geboomt rondom den tuin

Het zongoud zeefde brekende uit den nevel,

Traden de stoep we af voor dien breeden gevel,

 Groette gevogelt uit omgroende kruin.

 

De koele dauw lag op de bloemenperken

Waarlangs wij schreden tot daar 't water blonk;

De reiger wiekte er, kraaigekras weerklonk,

En 't ruischte in 't riet van karrekieten-vlerken.

 

2

Ik zat aan 't roer, gij met uw gouden haar

En lenige armen deedt de riemen kraken:

Daar ver was 't doel: die lage en roode daken,

Haven. en schepen naast en door elkaar. (Albert Verwey)

 

En bij Jacob van Dijk

 

 

In dit lusthof, Konings rusthof, neêrgezeten, [7]

Daar ik luister naar 't gefluister van 't geweten,

Zie - gevoel ik, in verrukking, 't Paradijs,

Smaak ik vrede, rein genoegen, ware vrijheid,

Riek ik geuren van den wellust van de blijheid,

Hoor ik de orgels vliegend spelen deze wijs.

 

[...]

 

Schoone kleuren - balsemgeuren van de kruiden,

Strijkt hier neder, op uw veder, uit het zuiden.

Koele lommer, drijf den kommer uit de ziel,

Die hier eenzaam, maar gemeenzaam met de Goden,

Al het woelen van de wereld is ontvloden,

Wien het leven in uw dreven meer beviel. (Jacob van Dijk)

 


[1] Alle teksten zijn afkomstig uit ‘Een Wereldsch Paradijs’  onder redactie van Francisca van Vloten en Arie van Loon gedrukt in 1998 als nr 85 van de Slibreeks bij Vink Offset te Axel in een oplage van 1000 exemplaren.
Fotografische herdruk in 2008 in opdracht van het Comité van het Hof van Eeden Festival 2008

[2] Francisca van Vloten en Arie van Loon

 

[3] Uit: 'Verzen'. Handschrift Van Eeden-collectie UBA, sign. 1036, nr. 58. Transcriptie A. van Loon en F. van Vloten.

Deze lofzang werd tijdens of kort na Van Eedens eerste verblijf op het Hof van Moerkerken geschreven, in 1882, het jaar van de zilveren bruiloft van 'burchtpaar' Jan en Henriëtte van Gennep.

 

[4] Guido van Suchtelen

[5] fragment

[6] 'WAS 'T HIER NIET?'

De idylle van Mijnsheerenland verwerkt door Albert Verwey

Marijke Stapert-Eggen

 

[7] Uit: Het Hof van Moerkerken, in: Nagelatene Schriften van Jacob van Dijk. twee delen. bezorgd door W. van den Hoonaard. Amsterdam 1832 /1834. deel II. p. 1-112.

 

 

Na deze uitgebreide kennismaking met Het Hof van Moerkerken in Mijnsheerenland, laat ik je graag mee wandelen, aan de hand van onze foto’s, over dit paradijselijke domein anno 2008, waar nog steeds de sfeer van eertijds, die spreekt uit bovenstaande geschriften,  te proeven is.

.

Al van bij het parkeerterrein....

.

...kwamen we in de juiste sfeer terecht

een romantische wandeling...

...langs reusachtige bomen...

bracht ons bij de eigenlijke ingang...

... waar een knobbelige plataan...

... boven de hoofden van enkele kunstschilders ...

... in gesprek was met een oeroude eik

 

Aan de linker zijkant van het imposante huis, dat nu voor ons lag, was een zeer degelijk en uitgebreid informatiecentrum ingericht. De muren behangen met foto's van een zeer jonge tot zeer oude Frederik van Eeden, de tafels bedekt met boeken en folders rond 't Hof, van Eeden, de Tachtigers etc. Zelfs nog enkele autentieke handgeschreven brieven van Free troffen we er aan.
Natuurlijk kon ik het ook nu weer niet laten om enkele nieuwe boekjes aan te schaffen voor mijn van Eeden-boekenplank.

 

van baby en student

tot volwassene en oude wijsgeer

brief, geschreven in Mijnsheerenland, aan zijn zoon Hans

detail


de boekentafel

 

Mijn aanwinsten

 

ISBN 90-6354-089-2

ISBN 90-6975-190-9, CIP

ISBN 978-90-73445-18-5

 


Na dit bezoekje aan het informatiecentrum was het tijd om een wandeling te maken over het prachtige buitengoed en om te ontdekken wat de inrichters van het feestcomité allemaal voor ons in petto hadden. Het werd een zeer fijne ontdekkingsreis, vol verrassingen. Ik laat nu verder de foto's aan het woord.

 

in deze kas zat Frederik van Eeden vaak te schrijven, om niet gestoord te worden.
Het is dan ook geen wonder dat dit beeldengroepje mij aan 'de Kleine Johannes' en zijn hondje deed denken.

. . .

. . .

<--    naar sprookjes luisteren

of

zelf in het sprookje stappen via deze sprookjesklerenkast    -->

. . .

<-- het jurkje van Windekind

en

het kamertje van de kleine Johannes -->

<-- doorkijkje en

vreemde bewoners tussen de bloemen in de berm -->

. .

.

<-- in de grote tent, genaamd 'Frederik', stonden veel vrijwilligers klaar om de bezoekers te voorzien van een natje en een droogje -->

.

.

.

<-- voorzien van een gevulde picknickmand konden we naar buiten om lekker even te zitten in de tuin -->

<-- even later vergastte een kostuumgroep (met traditionele kledij uit verschillende Nederlandse landstreken) ons op enkele vrolijke volksdansen -->

. . .

<-- terwijl - in het romantische prieeltje - een accordeoniste voor ons speelde, kwam Peter van Eeden (kleinzoon van Free, zoon van Evert) ons even gezelschap houden. Het werd een fijn gesprek over 'vroeger'. Op die manier kon ik ook kennismaken met Peters vier kleinkinderen, waaronder het jongste van Eeden-nakomelingetje. -->

. . .

 

 


Toen we klaar waren met onze picknick en nog even rustig aan het genieten waren van de sfeer en de bonte wemeling van mensen, vernamen we dat we verwacht werden bij de steiger aan het water, een zeer romantisch plekje, aan de andere kant van de tent, waar een groepje jachthoornblazers ons wilde vergasten op enkele nummers 'jachthoornblazen'. Terwijl we erheen wandelden hoorden we in de verte al enkele noten weerklinken en waanden we ons terug in de vorige eeuw.
Vooraleer de blazers hun nostalgische tonen in de avondlucht lieten weerklinken kregen we uitleg over het vroegere gebruik van jachthoorns. Het bleek dat dit een middel was voor de jagers, en voor diegenen die bij de jacht betrokken waren, om met elkaar te communiceren in bossen en velden.

.

. .

.

. . .

.

. . .

.

.. . .


En zo werd het dan stilaan tijd om afscheid te nemen van 'Het Hof van Moerkerken'. Maar niet vooraleer eerst nog een wandeling te hebgen gemaakt langs de vele kunstwerken die her en der verspreid waren in het park.
Toen we terugliepen naar het parkeerterrein werden we uitgezwaaid door paard en pauw.... en met iets van weemoed verlieten we uiteindelijk dit paradijsje.

.. .

 

..

 

..

.

 

.

 

. .

 

.

 

.

. . .

.

. . .

.

. .. .

.

... ... ..

Alle foto's als diavoorstelling

 

Fotoalbums die me werden toegestuurd:

Woensdag, 28 mei

Donderdag, 29 mei

Vrijdag, 30 mei

Zaterdag, 31 mei

Zaterdagavond, 31 mei

Zondag, 1 juni

 

Veel kijkplezier!



Dank aan de fotograaf!

 

 

 

Gastenboek van Spirituele Vrienden.

  

Top 100 NL