Kerstmis 2006

Van sommige gedichten op deze pagina is de auteur mij niet bekend. Indien iemand aanvullingen heeft in verband met de dichters, stuur dan even een mailtje  

 

Kristnacht yn FRYSLÂN

 

Stille nacht, Hillige nacht,
Stjerreglâns, ing'le wacht,
't Bern dat mannichten silligje sil,
dreamt yn’t krebke en glimket sa stil
rêst yn sillige slom
rêst yn sillige slom.

 

Helpleas Bern, Hillich Bern
ek foar ús, fier ferlern
kaam it del út Syn hearlik ryk
waard it lyts en oan earmen allyk,
joech ús it libben werom
joech ús it libben werom.

 

Stille nacht, Hillige nacht,
ierde heil, fred' en ljacht
bring, mei't ing'le alleluia
tank en gloardje dy Kening ta
sjong, ferlosten, Syn rom
sjong, ferlosten, Syn rom.

 

Uitnodiging voor Kerstavond

 

 

Zoals elk jaar, willen wij u ook dit jaar uit­nodigen om  op Kerstavond (24 december) een kaars aan te steken. En wel om elf uur 's avonds.

 

Wanneer we dat allemaal gelijk­tijdig doen, ieder in de eigen kring en in eigen huis of waar u ook maar bent, dan ontstaat er in stilte een kring van verbondenheid.

 

Als wij daarbij ieder ook nog eens op onze eigen manier bidden en/of medite­ren om de geboorte van de Christuskracht in ons hart, en om vrede op aarde, dan vormen al die gebeden samen een krachtig licht.

Een licht dat helend inwerkt op het donker op aarde.

 

Een licht, dat bovendien doorstraald en bekrachtigd wordt door het hoge licht uit de geestelijke wereld.

Juist op Kerstavond is immers de verbondenheid met de geestelijke wereld het sterkst! En is dus ook de samenwerking tussen hemel en aarde op zijn sterkst.

 

Doet u mee? Dan zult u zelf ook kunnen merken hoe krachtig onze stille, onzicht­bare verbinding is, en hoe werkzaam.

 

Elk jaar weer is dit gezamenlijke gebed ook een geschenk (want een voelbare weldaad) voor onszelf.

En vergeet niet: ons gemeen­schappelijke gebed heeft een grote kracht, en draagt daadwerkelijk bij om vrede te scheppen op aarde!

 

Wij hopen u op Kerstavond, 24 december, om elf uur, in de geest te ontmoeten!

 

Van liefde ga je stamelen

 

Van liefde ga je stamelen, want

geen woord is toereikend om de gloed

en de warmte, de siddering van geluk

en de vreugde ervan te beschrijven.

Elk woord is vaal en bleek, ja, levenloos

vergeleken bij wat je vanbinnen ervaart.

 

Van liefde ga je stamelen, zo voelde ik

toen de liefde voor Hem, die mijn alles

is, opsteeg in mijn hart: laaiende hitte.

Soms is het er zo maar: die intensiteit,

dat vuur, die vreugde die alles overstijgt.

 

Van liefde ga je stamelen, want

zo graag zou ik die liefde met iedereen

willen delen – en hoe kan dat anders dan

door haar in woorden te vangen en zó,

in woorden gehuld, aan anderen door

te geven? Maar ware liefde laat zich

niet in woorden vangen: zij overstijgt

elk menselijk woord. Daarom stamel ik.

 

De liefde onthult mij het gelaat van Hem

op wie zij gericht is: Jezus die de Christus

werd. Zij vergunt het mij te schouwen

tot vér in zijn ogen en zijn eindeloze begrip,

zijn meedogen en zijn onvoorwaardelijke

liefde te doorvoelen en mij bewust te worden.

 

En steeds weer hoor ik zijn stem

die mij vraagt deze liefde door te geven

en er allen mee te bekleden die ik

op mijn levensweg ontmoeten zal.

 

Daarom bid ik: laat Uw liefde

voelbaar door mijn ogen stromen,

laat haar weerklinken in mijn woorden

en laat haar meetrillen in mijn gebaren.

 

 

Hans Stolp

Oudejaarsgedicht

 

Als een filmrol gaan de beelden

van het afgelopen jaar

en ze wekken soms ontroering

als een teer bewogen snaar.

Er was veel dat kon verblijden

met een diepe innigheid,

maar ook stormen overheersten

met hun niets ontziende strijd.

 

Er zijn dagen die je weerziet,

waar je niet meer verder kon

en je bidden, voor ’t gaan slapen,

met een zachte snik begon.

Je beleefde in de kerker

van je afgesloten ziel

een verlatenheid van alles,

toen een lieve je ontviel.

 

Doch er waren ook juwelen

op een goudgekleurde dag:

d’eerste stapjes van je kleinkind,

die je met ontroering zag,

of een arm die warm en innig

om je schouders werd gelegd

en een woordje als een lichtstraal,

door een engel Gods gezegd.

 

’t Was als eb en vloed en telkens

spreidde God Zijn sterke hand

in de branding van het lijden,

in het voortgaan naar Zijn land.

Alles diende tot voltooiing,

ieder aangereikt moment,

om te tonen dat je waarlijk

een geschenk van boven bent.

 

Er is zoveel om te danken,

als je al die beelden ziet,

want je komt tot de ontdekking

dat God jou geen tel verliet.

Het geeft moed het jaar dat voorligt

als ”genadetijd”te zien,

met voor elke dag de bede:

”Vader, dat ik U slechts dien!”

 

Frits Deubel

KERSTLIEDJE

 

Zij waren de dag zich moe gegaan
met zwoegen en met gezucht,
in de late avond kwamen zij aan
in Bethlehem het gehucht.

Maria en Jozef liepen tesaam
de donkere straten door
en vroegen bij alle menschen aan
en vonden er geen gehoor

En hadden eindelijk in een stal
hunnen intrek genomen
en zochten zwijgend zich terecht
in dit hun onderkomen.

Na angst en noden waren gerust
ingeslapen zijn beien
en ook het kindje was gesust,
dat gekomen was met schreien.

Maria lag bij haar jonge kind
gelukkig en uitgeput
en Jozef hield zijn knikkend hoofd
in de linkerhand gestut.

En engelen zweven met vleugelslag
om de drieën, dit nieuwe gezin
en de driekoningen komen aan
en houden hun voeten in.


 J.H. Leopold


KERST 2006


Wees maar stil in die dagen,
als het leed aan je knaagt.
Het is God die je draagt
en Hij kent al je vragen.

Laat het licht in je dansen
dat de kerststal omstraalt,
uit de hemel neerdaalt
met oneindig veel kansen.

Wees maar stil in die dagen.
Als de tijd is vervuld
en God alles onthult,
heb je niets meer te vragen!

 


Frits Deubel: www.gedichtensite.com

Kerstverlangens.

 

Midden in de donkere weken

van december, elk jaar weer,

doet een onverklaarbaar heimwee

elk mens verlangen, keer op keer

 

We zien het in de winkels

we zien het op de straat

waar op ieder ledig plekje

een boom te fonkelen staat

 

De lichtjes in die bomen

helen zij de smart?

Of zijn ze een verdoving

Voor een verlangend mensenhart?

 

En dan ineens, een echte ster

verlicht de donkere nacht

En meldt ons met zijn lichtglans

Dat er redding is gebracht

 

Nog liggend in een kribbe

als een kind, onschuldig rein

Doch met voor elk mens het troostwoord:

dat Hij graag in ons hart wil zijn.

 

Laat ons dan bezinnen

Of ons hart er klaar voor is

Of er in onze herberg

wél plaats voor Christus is.

 

Francine - 14/12/2006

KERST

 

Zou de wereld plots verbeteren als Jezus op aard zou zijn.
Nooit geen kogels, geen geweren,
zouden wij allen broeders zijn?

Laat ons dromen, laat ons wensen,
dat het ooit veel beter kan.
Zal het hart van alle mensen,
welkom Jezus roepen dan?

Weg terreur en bloedvergieten…Israël zonder geweld.
Blank, rood, zwart, elk zal genieten…
Enkel liefde is wat telt.

Laat ons dromen, laat ons wensen,
dat het ooit veel beter kan.
Zal het hart van alle mensen,
welkom Jezus roepen dan?

Welkom kindje, in ons midden, die ons vree op aarde geeft.
Laten wij slechts hem aanbidden…
Hij die eeuwig leven geeft!

Laat ons dromen, laat ons wensen,
dat het ooit veel beter kan.
Zal het hart van alle mensen,
welkom Jezus roepen dan?

Jean-Paul V.

De Boreling

 

Diep daar, beneden.

In een inktzwarte duisternis

Daar waar de kobold van angst

mij aangrijnst met zijn grimmig gezicht

Zit in ketenen gekluisterd, als een oester omsloten

door een grijnzende schalen mond

De parel van het Ware Leven

 

Goed verborgen door vele sluiers,

de schaduwen van vervlogen tijden

Overschreeuwd door vele dissonanten

roepende om vergelding, gerechtigheid

Schijnt dat kleine gouden Licht, als een roepende vlam

Zijn stralingskracht wordt helder,

Naarmate de 'stem' vleugelen krijgt .

 

Die stem doet zich gevoelen, als van verre

Zodra de dissonanten zwijgen, heel even

stokkend naar adem snakken

Als mijn ik niet langer zichzelve roept

wordt zij gehoord, van diep daar binnen,

als de klank van het Eeuwig Zijn

Waarnaar mijn ziel zo heftig verlangt

 

Diep daar, beneden

In die inktzwarte duisternis

waar schaduwen tot schimmen worden

In hun poging het Licht te dempen

Wordt de kiem des Levens tot aanzien gewekt

De oester wordt de grot

Waarin Hij, tot geboorte komt

 

Op weg, nu pas bewust

Geleid door de roep

Die in de lichte 'stilte' klinkt

Met de offergave van overgave

De blik op het Licht gericht, daarbinnen

Is het niet mijn ik maar Hij in mij

die zichZelve zoekt en vinden zal

 

De Boreling, in de kribbe

 

 

Baldu

 

Het is zover!

 

Er zijn soms van die nachten,

dat het wel lijkt of Jezus komt.

Een ster straalt meer dan anders

en alles om mij heen verstomt.

’k Zie dat in ijle verten

een heerlijk morgenlicht opgaat

en op mijn netvlies trillend

het beeld van de Verlosser staat.

 

Ik denk weer aan de avond,

dat vader mij ’t verhaal voorlas

van Jezus die op aarde

voor ieder mens gekomen was.

Weer hoor ik eng’len zingen

op de antieke grammofoon.

De plaat was haast versleten

en toch klonk het zo wonderschoon.

 

Maar bij het pril ontwaken

zie ik geen enk’le herder staan.

De beelden die ik meedroeg

zijn als in dromen opgegaan.

Misschien dat deze nacht wel

het licht straalt van die wond’re ster,

mijn vader zacht zal wenken:

Kom nu maar mee, het is zover!


Frits Deubel: www.gedichtensite.com

"KERST"

 

Ieder jaar die twee dagen
vol van warmte en genot.
Eén antwoord, geen vragen
Jezus geboren, zoon van God.

 

Veel meer dan drinken en eten
meer dan die twee dagen alleen.
Altijd; als je dat mag weten
Jezus, daar kun je niet omheen.

 

Wat Hij toen aan ons allen gaf
eeuwig kerstfeest met Hem.
Dat jij zomaar komen mag
Hij kent jou, zelfs je stem.

 

Door Jezus is alles klaar
Hij heeft alles al gegeven.
Geef jij je nu ook maar
en aanvaard het echte leven.

 

Heerlijke hapjes en niets meer
wat is jouw kerst dan leeg.
Jezus roept jou keer op keer
terwijl jij zoveel kansen kreeg.

 

Jezus hoeft niet achter ons aan
wij zelf kunnen Hem pakken.
Hij komt al naast jou staan
en jij mag naar Hem snakken.

 

Toch is Jezus degene die rent
achter jou aan, Hij wil jou.
Hij heeft je altijd al gekend
Zijn stem; weet dat ik van je hou.

 

Zie hoe groot zijn genade is
het gaat oneindig door.
Zijn trouw is zeker en gewis
maar ga jij er wel voor.

 

Beleef het deze kerst intens mee
Hoop; want Jezus is geboren.
Geef je over en ga met Hem in zee
niemand kan jullie band verstoren.

 

Rust in zijn wijd gespreide armen
gooi je vermoeide hart van slot.
Laat je door Hem warmen
je bent heel, niet langer kapot.

 

Sterren stralen overal,
doen om ’t stalletje verschijnen.
Waar een boven prijken zal,
’t vangend binnen gouden lijnen.
’t Is die ene ster die zegt,
dat de Heiland is geboren.
In de kribbe neergelegd,
waar hij boven staat te gloren.

 

Heel het firmament feest mee,
met dit feestelijk gebeuren.
Zie de gouden sterrenzee,
staat te schitteren en te fleuren.
‘t Sterrenlicht dat helder straalt,
doet haar vreugde niet verzwijgen.
Dat van ’t Christuskind verhaalt,
dat wij uit Gods handen krijgen.

 

Engelen, herders, wijzen, wij,
allen zijn wij feestgenoten.
Met een hart verheugd en blij,
door Gods goedheid overgoten.
Laat ons in een kring gaan staan,
met elkaar een loflied heffen.
Om wat Gods beloft’  gedaan,
in Zijn Zoon ons laat beseffen.

Hoor hoe de engelen juichen,
de hemel openbreekt.
Hoor hoe zij blij getuigen,
hoe God het licht aansteekt.
Een kind is ons geboren,
dat komt uit Jesses stam.


De wereld mag het horen,
dat Hij op aarde kwam.

Een stal dat is zijn woning,
en niet een groot paleis.
Hier ligt de jonge koning,
lof zij Hem eer en prijs.


Uit vlees en geest geboren,
ligt hier de Zoon van God.
Door Vader uitverkoren,
als redder van ons lot.

God laat zijn liefde tonen,
ons zichtbaar in dit kind.


Dat onder ons wil wonen,
zich weet geliefd bemint.
Het zal zijn schapen hoeden,
als Herder naar de stal.
Hij zal hen weiden voeden,
die koning wezen zal.

Kom je ook bij het kindje kijken,
’t Jezuskindje in de stal.
Dat voor jou en mij zal blijken,
Hij die ons verlossen zal.


In de kribbe ligt Hij neder,
met een glans op zijn gelaat.
O wat kijkt dit kindje teder,
in zijn Goddelijke staat.

 

Zoon van God mag je Hem noemen,
knielend bij de kribbe neer.
En het Jezuskindje roemen,
als Verlosser en als Heer.


Alle sterren buiten stralen,
en hun gloed is ongehoord.
Schitterend doet er een verhalen,
hoog en trots van zijn geboort’.

 

Ja dit kind voor ons gekomen,
brengt de wereld vrede aan.
Waarvan velen deden dromen,
hunkerend naar zo’n bestaan.


Eenmaal zal Hij ons regeren,
koning zijn met majesteit.
Over ’t kwade triomferen,
waar Hij allen van bevrijdt.

Herodes

door Alfred Valstar

 

De koning heeft het goed begrepen;
zijn koninkrijk loopt vast.
Het is van kleur ontdaan
en metterdaad
tot op de draad
versleten.

De mantel van zijn dromen
hangt hem
verouderd om de schouders,
de zwakke leden:
de koning heeft het goed begrepen.

Eropuit! Het kind te vinden,
het kind te vinden dat hij zelf niet is,
het kind te vinden om het even.
De koning slaat beminden voor het leven.
De koning heeft het goed begrepen.

Bron: Chroom Digitaal

De herders

 

Omdat eenvoudigen verstaan
Wat door geen ingewikkeld zoeken
Noch lezen in geleerde boeken
Begrepen wordt of nagegaan,

 

Zijn herders toen in uwe stal
Geknield en hebben U aanbeden;
Dit is tweeduizend jaar geleden
En nog weet elk het overal.

 

Geen mens heeft ooit hun naam gemeld;
De rest van hun onschuldig leven
Is door geen wetenschap beschreven,
Wordt slechts aan kinderen verteld.

 

door Anton van Duinkerken (1903-1968)

uit: 'Verzamelde gedichten', 1957

De geringsten

 

Ik ben met de getrouwen

rondom de krib gaan staan.

Toen toonde onze Vader,

nog eens het wonder aan

en wees weer net als vroeger

naar Zijn beminde Zoon,

een Vorst zonder veel aanzien,

een Koning zonder troon.

 

”Kijk”, zei Hij, ”Ik had eig’lijk

een groter plan bedacht:

Een heerser met paleizen,

vol wereldlijke pracht,

wiens komen door herauten,

op goudgebiesd tapijt

en met veel loftrompetten,

heel groots werd ingeleid.

 

Maar toen Ik nog eens rondkeek,

zag Ik ineens die stal

en ging de lust verloren

voor schallend hoorngeschal.

Mijn Kind moest zijn te vinden

waar de geringsten zijn,

zij, die Zijn wil betrachten,

eenvoudiglijk en klein.”

 

Zo is Gods Zoon gekomen.

Zo zal Hij altijd zijn,

bij zielen die waarachtig

en need’rig willen zijn.

Zoek dus maar nooit bij ’t grote,

daar is de Heiland niet.

Het zijn de kleine dingen,

die Hij de kleinsten biedt!

 

Frits Deubel: www.gedichtensite.com

Op weg naar Bethlehem

 

Velen zijn op weg gegaan
in deez’ grijs omfloerste dagen
met de zwaar te dragen last
van hun ongeziene vragen.


In de velden van de nacht
zoeken zij het Kind van boven,
soms met twijfel in hun hart
of ze er nog in geloven.

 

Er is zoveel pijn geweest,
dat door niemand was te stillen,
beelden van veel oorlogsleed,
die nog in hun harten trillen.


Moedeloos en reddeloos
zien ze afgebrande  straten
en ze zoeken naar de ster
of heeft die hen ook verlaten?

 

Ouders zijn hun kind’ren kwijt,
kinderen zijn wees geworden
en ze dolen her en der
als een opgejaagde horde,
roepend, schreeuwend om het Kind
dat in Bethl’hem is geboren.


Zullen zij het ”Gloria!”
in hun leven nog wel horen?

God, probeer toch deze nacht
om de velen die zo strijden
met Uw zachte vaderhand
naar de kribbe te geleiden.


Als U echt almachtig bent,
laat de ster dan één keer lichten,
voor miljoenen mensen met
bange, troostloze gezichten!

 

 

 

Frits Deubel: www.gedichtensite.com

Kerstliedje

 

Zij waren den dag zich moe gegaan
met zwoegen en met gezucht,
in den laten avond kwamen zij aan
in Bethlehem het gehucht.

Maria en Jozef liepen tesaam
de donkere straten door
en vroegen bij alle menschen aan
en vonden er geen gehoor.

En hadden eindelijk in een stal
hunnen intrek genomen
en zochten zwijgend zich terecht
in dit hun onderkomen.

Na angst en nooden waren gerust
ingeslapen zij beîen
en ook het kindje was gesust,
dat gekomen was met schreien.

Maria lag bij haar jonge kind
gelukkig en uitgeput
en Jozef hield zijn knikkend hoofd
in de linkerhand gestut.

En engelen zweven met vleugelslag
om de drieën, dit nieuw gezin
en de driekoningen komen aan
en houden hun voeten in.

 

J.H. Leopold

Advent, tijd van hoop, verlangen

 

Advent, tijd van hoop, verlangen,
uitziend naar het komend licht.
Door omsloten en gevangen,
horende het blijde bericht.


Heil en vrede die zal dagen,
in  de tijd die zacht vervloeit.
In het licht dat op zal dagen,
blij omstraalt, erdoor geboeid.

 

Kaarsen, viermaal stil ontstoken,
voorboden van ’t komend feest.
Als de dag is aangebroken,
waarop ’t Kind ons hart geneest.


Dag waar vrede wordt geboren,
langzaam groeiend wereldwijd.
Vrede die voor ’t oog zal gloren,
door Het Kind ons uitgespreid.

 

Justus A. van Tricht

 

De blijde boodschap heeft geklonken

 

De blijde boodschap heeft geklonken,
Gods woord door Gabriel gebracht.
Het hemels licht heeft opgeblonken,
en rijk gestraald in duist’re nacht.


Aan herders heeft God doen verkonden,
de komst en de geboort’ van ’t kind.
Die ons zal redden van de zonden,
in Beth’lehems stal in ’t stro bevindt.

 

De hele wereld moet het horen,
God maakte Zijn belofte waar.
Uit Davids stam is ons geboren,
de Vredevorst, de Middelaar.


Komt laat ons dan dit kind aanbidden,
Immanuel wordt Hij genoemd.
Hij die als koning in ons midden,
als de Verlosser hoort geroemd.

 

Justus A. van Tricht

De Herders

 

De herders stonden in die nacht vooraan
en de eenvoudigen, de minsten daar, verstonden
het grote wonder, raakten opgewonden
van woorden die niet eens werden verstaan.

 

Men kent de namen van de mannen niet.

Er staat geschreven dat er herders waren,
drie, vier of meer, maar na tweeduizend jaren
zijn zij nog steeds een dierbaar kinderlied.

 

En het werd waar: de minderen zijn meer.

Zij hadden geen geschenken meegenomen.
De koningen zijn later pas gekomen,
maar herders knielden toen als eersten neer.

 

Van tranen of van licht, de ogen blind,
gaven zij zo zichzelf als offerande.
Met grote, ruwe, moegewerkte handen
streelden zij zacht het nieuwgeboren kind.

 

Jos Brink

Anno Domini

 

Mijn God, ik ben soms bang voor 't komend jaar,
zo bang voor dingen, die zomaar gaan gebeuren.
Ik kom met al mijn vragen, angsten, zorgen lang niet klaar,
soms voel ik mij gebonden achter stalen deuren.

 

Mijn God, ik ben zo bang dat nooit de engel komt
die mij Uw stralend licht zal binnenleiden.
Mijn blijdschap is zo broos, mijn lied verstomt,
als U mij niet komt redden, wie zal mij bevrijden?

 

O God, ik ben zo bang, ik ben alleen,
rondom mij staat het donker, dreigend hoge muren...
En als U komt, waar voert u me dan heen?
Ik vrees, o God, ik vrees Uw oordeelsvuren...

 

- Vrees niet, want nòg zend Ik Mijn eng'len neer,
nooit hoeft een kind van Mij de vreugd van Kerst te derven.
Want voorzeker geboren is Christus, de Heer,
van Hem mag je zijn in leven en sterven! –

 

Nel Bisschops

KERST 2006.


Prettige kerst, een gelukkig Nieuwjaar
Haat u over een week soms weer elkaar?
Wat komt er nou van die wens terecht
Menen we het nu wel echt?

Het doel van kerst is voorbij gestreefd
De commercie heeft zich erop uitgeleefd
Eten en drinken staat voor velen bovenaan
De geboorte van Christus heeft voor hen afgedaan.

De wensen die gaan heen en weer
Even vrede op aarde deze keer?
Morgen is het weer voorbij
Dan is het weer ik: en niet meer jij

Ga u eens over die dagen bezinnen
Ga in uw innerlijk naar binnen
Niet het eten en drinken zijn belangrijk voor mij
Maar het welzijn van de mens: daar houdt ik me bij

Verschillende mensen hebben niets om te eten
Doch die worden op deze dagen vergeten
Denk aan die uitgemergelde gezichten
Misschien dat u dat een beetje doet zwichten!

Het geld voor kerst kunt u beter besteden
Aan degene die niets heeft om te eten
Zodat hun leven wat dragelijker wordt
En u komt daarbij niets te kort

Zo is er weer een jaar voorbij
2007 staat in de rij
Het nieuwe jaar staat op ons te wachten
Het verleden blijft in onze gedachten

Liefde en gezondheid wens ik u allen
Dat u 2007 mag welgevallen
Als u de Liefde aan iedereen gaat geven 
Kunt  u een heel mooi jaar beleven.


Henk Roesink.
http://www.liefdesband.nl

Kerstmis 2005

 

Liefde en bewustzijn bracht Hij ons

doch dit werd níet begrepen

Nog vóórdat Hij geboren was

nergens welkom geheten

 

Zijn moeder baarde hem in een stal

alleen herders die het wisten

Eenvoudigen begrepen het

daar viel niet om te twisten

 

En engelen kwamen naar benee

met trompetten en gezangen

Degenen die dit horen wilden

in hén kwam het verlangen

de Christus in zich te doen groeien

omdat liefde en bewustzijn

hen eensklaps ging boeien

Adriana

 

 

Vol staat er op de deur, daar waar men vol is van de stof, is geen plaats meer voor liefde en bewustwording.

 

Kerstmis 2006

 

Uit het AL bent u gekomen

Terug geboren hier op Aard

Uw Moeder legde u in een kribke

nadat zij u had gebaard

 

Engelenkoren in de wolken

zweefden boven het gedrang

om hun vreugde te vertolken

door hun hemelse gezang

 

Herders en schapen kwamen kijken

naar het kindeke in de stal

U was weer terug mens geworden

Mens die CHRISTUS worden zal

Adriana

 

 

De ene herder die naar boven kijkt, naar de engel, heeft de boodschap begrepen, de andere kijkt vooruit de stof in, hij is nog niet zover. De engel houdt de ster in de handen en wijst ons de weg hoe wij het bewustzijn en de daaraan verbonden liefde kunnen begrijpen en aanvoelen. Zijn hart staat hiervoor open, je ziet het ook aan zijn handen die hij open houdt om de wijsheid, die van boven komt, te ontvangen.

O Holle Nacht

Een kokende vis spartelt in de pan
met ui, ei, wortel en krieltjes rond.
Een paar dagen vrede is er dan,
want het is weer eens Kerstavond.

Soldaten kunnen weer consolideren
en brieven schrijven na het bidden.
Ze zullen erna de vijand mores leren
met de aalmoezenier in het midden.

Vloekend en tierend van de smart
krijst de gewonde bittere taal.
Hij werd gister verwond bij 't hart
en in de buurt is geen hospitaal.

De kudde dwaalt in de woestijn
en de geliefden zijn vol angst.
Kon het maar altijd Kerst zijn,
dan duurt vrede het langst !

 

Het Kindeke.

Uit het vlees en water gedreven,
dubbel uit David 's stam geschreven,
met een schreeuw adem ingenomen,
werd Hem de navelstreng ontnomen.

Hij werd de hemel in geprezen,
gaf menigeen nieuws te lezen,
maar werd geboren in een stal,
wat wijzen maakten het tot bal.

Engelen zongen hun hoogste lied,
maar de os en ezel zongen niet.
Het Kindeke wees ons het pad,
maar de meesten doen maar wat.

 

Jac Alexander

BEGIN VAN EEN NIEUW LEVEN

 

Het begin van een nieuw leven

zal mentale verandering geven

Men kan dan de Liefde beleven

zonder dat de aarde gaat beven

De aarde, moeder van de natuur

reageert altijd zuiver en puur

op de grote energie van al wat leeft

Totdat de mensheid de Liefde heeft

De innerlijke rust is dan gekomen

men kan verwezenlijken de dromen

Harmonie, geluk en vrede

doen dan Zijn intrede

 

Al zit de mens met zovele vragen

komt er geen antwoord opdagen

wat heel zwaar is om dit te dragen

Vraag dan om Liefde alle dagen

 

Parels van de ziel komen als tranen

zij zullen de liefdevolle paden banen

Onmacht verandert in innerlijke Kracht

Creëert een wereld waarin ieder mens lacht

Zover is de mensheid nog niet

Parels ervaren nog steeds veel verdriet

omdat menigeen de Liefde alom niet ziet

Uit jezelf en zorg dat je desondanks geniet

Zijn Liefde zal je begeleiden

Zijn Liefde zal de mens bevrijden

Wenst een eind te maken aan het lijden

Is werkzaam om jou en je dierbaren te verblijden

 

Heel veel Liefde, Licht, Wijsheid en Kracht

ook al is het soms een donkere nacht

en ervaar je soms/vaak een grote onmacht

Wees stil in je hart en ervaar je innerlijke pracht

We hebben niet geleerd onszelf als zodanig te ervaren

En dit brengt de mens in contact met gevaren

Innerlijke onrust kan men niet altijd verklaren

Zijn Liefde echter brengt dit tot bedaren

 

 

Marian

 

 

 

 

Schreef je zelf een Kerstgedicht, stuur het naar mijn mailbox via de button hieronder


emailbox

 

 

Gastenboek van Spirituele Vrienden.

  

 

Stem Spirituele Vrienden in de

Top 100 NL