De waarheid omtrent het Aquariustijdperk

   

Max Heindel - Henk Leene -

 

 

Volgens Max Heindel in: De Wijsbegeerte der Rozenkruisers

 

 

Vraag: Velen beseffen tegenwoordig dat wij een nieuw tijdperk ingaan of op het punt staan in te gaan. Sommige weten dat dit het Aquariustijdperk is, en zij weten tot op zekere hoogte ook wat dit betekent. Ik heb echter, tot op heden, geen duidelijke verklaring gehoord wanneer precies onze aarde of ons zonnestelsel dit nieuwe tijdperk zal binnengaan. Valt het Aquariustijdperk samen met de loop van de Zon door het sterren­beeld Aquarius, of door het gedeel te van de dierenriem met die naam?


 

Antwoord: In deze alinea stelt onze briefschrij­ver een aantal vragen aan de orde. Overeenkom­stig de stelregel "de laatsten zullen de eerste zijn", zullen wij eerst het laatste deel van zijn reeks vragen beantwoorden, waarin hij onderscheid maakt tussen het sterrenbeeld Aquarius en het gedeelte van de dierenriem met die naam. Voor de velen die het verschil niet kennen tussen de sterrenbeelden van de dierenriem of natuurlijke zodiak, en de zogenaamde intellectuele zodiak, vormt dit al een grote moeilijkheid. De verkla­ring daarvan is de volgende:

 

Een bepaalde groep sterren aan de hemel wordt AriŽs, Ram genoemd; een andere groep, die daar dichtbij ligt, Taurus , Stier; een derde groep vaste sterren heet Gemini, Tweelingen, enzo­voort. Deze twaalf sterrenbeelden of groepen van sterren blijven, zoals zij aan de hemel te zien zijn, al tijd op dezelfde plaats ten opzichte van elkaar en zijn daarom onveranderlijk.

 

  ram   Stier           

      

Door alle eeuwen heen waarover wij gegevens hebben, zijn deze sterren in dezelfde groep gebleven en ongeveer op onderling dezelfde plaats. Door deze sterrenbeelden loopt de Zon, jaar in jaar uit, haar baan, met onveranderlijke nauwkeurigheid. Maar omdat de as van de aarde naar de Zon neigt en een schommelende beweging maakt, zoals een tol die bijna uitgedraaid is, lijkt het alsof de beweging van de Zon onregelmatig is. Ieder jaar, als ze het sterrenbeeld AriŽs binnentreedt en de equator of evenaar van de aarde kruist, gebeurt dat iets eerder dan het jaar daarvoor. Zij loopt voor. Hierdoor loopt het punt waar de Zon de equator ten tijde van de lentenachtevening kruist, van jaar tot jaar, terug en wel ťťn graad in 72 jaar, ofwel een heel sterrenbeeld in 2160 jaar en alle twaalf tekens in 25.920 jaar. De laatste periode wordt een siderisch jaar of sterrejaar genoemd.

 

Men heeft waargenomen dat, ongeacht waar de Zon in de dierenriem staat als ze de equator kruist, dit een bepaalde uitwerking op de natuur heeft. De bloemen komen boven de grond, de vogels beginnen te paren, de sluimerende aarde komt weer tot leven: een nieuwe lente een nieuw geluid. Volgens waarneming is ook de geestelijke uitwerking van de overgang van de Zon naar het noordelijk halfrond ten tijde van de lentenacht­evening onveranderd gebleven. Daarom worden de eerste dertig graden vanaf het lentepunt, dus waar de Zon de equator kruist, AriŽs of Ram genoemd, de volgende dertig graden Taurus of Stier, de daaropvolgende Gemini of de Tweelin­gen, en zo verder, de twaalf tekens door. Dit noemt men de intellectuele zodiak

 

                                                                 tweelingen

 

Deze intellectuele verdeling van de dieren­riem valt maar eenmaal in de 25.920 jaar samen met de sterrenbeelden aan de hemel. Gedurende de resterende tijd loopt de intellectuele zodiak terug, zoals gezegd, ten gevolge van het voorlo­pen van het lentepunt of de precessie van de equinox.

De laatste keer dat dit beginpunt van de intellectuele zodiak samenviel met de natuur­lijke zodiak was ongeveer 500 jaar na Christus. Eťn jaar nadat deze punten precies samenvielen, kruiste de Zon de evenaar op ongeveer 50 boogse­conden van het sterrenbeeld Pisces, Vissen. Het jaar daarop kruiste de Zon de ecliptica op 1 minuut en 40 boogseconden in het teken Vissen en zo kroop ze elk jaar iets verder terug. Rond het jaar 2000 kruist de Zon de evenaar op 9 graden Pisces. Het zal dus tot ongeveer het jaar 2600 duren, voordat de Zon werkelijk de hemelequator in het sterrenbeeld Aquarius of Waterman kruist.

 

                                                                    vissen

 

Men kan dus zeggen, dat het Aquariustijdperk begint op het moment dat de Zon, door de preces­sie de 30e graad van het teken Aquarius binnen­gaat en op haar terugwaartse gang heeft ze 2160 jaar nodig om de eerste graad van het teken te bereiken. Er is echter geen vaste en scherpe afscheiding zoals wij die maken wanneer wij zeggen dat wij het jaar 1915 ingaan. Dat begint om 24 uur in de nacht van 31 december 1914 en eindigt op 31 december 1915 om 12 uur middernacht. Dit is een wiskundige tijdsverdeling. De verschillen­de tijdperken van het menselijke bestaan zijn af­hankelijk van belangrijke invloeden in het leven. Zij zijn eerder toestanden van de geest dan ver­delingen in tijd, hoewel beide nauw verbonden zijn.

 

                                                                     waterman of aquarius

 

Daarom onderkennen astrologen een orb, speel­ruimte of invloedsfeer. Om dit te begrijpen dient men te beseffen dat elk menselijk wezen meer is dan wij met het oog waarnemen. Hij heeft een aura om zich heen, een onzichtbare atmosfeer, iets dat van hem uitstraalt en dat deel uitmaakt van zijn onmiskenbare en persoonlijke geaardheid. Heel vaak ondergaan wij de invloed van deze aura, hoewel wij niet weten hoe dit komt. Laten wij veronderstellen dat iemand al zijn aandacht op zijn werk geconcentreerd heeft, zodat hij hoort noch ziet wat er om hem heen gebeurt. Geleidelijk aan wordt hij zich bewust dat iemand de kamer is binnengekomen en in feite achter hem staat. Hij draait zich om en ziet een vriend. Die vriend had hij niet binnen horen komen, daar hij geheel in zijn werk verdiept was, maar hij voelde hem, omdat de aura van zijn vriend zich met de zijne vermengde. Hoewel er geen fysiek contact was, wist hij dus toch dat er iemand in zijn nabijheid was.

 

De sterrenbeelden zijn groepen grote Geesten die zich in deze sterrenlichamen hebben ingeslo­ten om minder gevorderde wezens de ervaring van de evolutie deelachtig te doen worden. Elke vaste ster in een sterrenbeeld heeft ook zijn onzichtbare lichamen, die van de ene ster tot de andere reiken, zich vermengen en samenvallen. Daarom raakte de Zon, toen zij de tiende graad van Pisces bereikte, de buitenrand van de in­vloed van het sterrenbeeld Aquarius, hoewel wij ons nog steeds in het Vissentijdperk bevinden.

Dat deze invloed zich doet gevoelen, kan door een terugblik snel worden aangetoond. De Vissen­invloed van de laatste tweeduizend jaar herken­nen wij gemakkelijk. De donkere eeuwen, het bijge­loof, en de geestelijke onderworpenheid die toen heersten, zijn nog niet geheel verdwenen. Maar sinds het midden van de vorige eeuw, toen de in­vloed van Aquarius voor het eerst merkbaar werd, heeft een onweerstaanbare geestelijke impuls ons dagelijkse leven doordrongen. De wetenschap is, als nooit te voren, met rasse schreden vooruit gegaan. Uitvindingen hebben de wereld geestdrif­tig gemaakt en veroveren nu het luchtruim. Deze wetenschappelijke en geestelijke invloed zal zich in de komende eeuwen steeds meer doen voelen al­vorens wij definitief, door de precessie van het lentepunt, in het sterrenbeeld Aquarius komen.

 

Naarmate de bekrompen, conservatieve Pisces-in­vloed vermindert zal de verruimde, onderzoeken­de, Aquarius-invloed toenemen.

Wat de geestelijke betekenis van het Aquarius­tijdperk betreft, dient men te bedenken dat Aquarius de enige figuur in de dierenriem is die de volledige gestalte van een man voorstelt. Alle belangrijke personen uit het Oude Testament waren herders, hetgeen betrekking heeft op AriŽs, de Ram, het schaap of het lam. In het Nieuwe Testament zijn het vissers, betrekking hebbend op Pisces, het teken van de Vissen. Maar de Zoon des mensen is het onderwerp van profe­tie, van iets dat nog komt. Hij luidt een heerlijk tijdperk in. Daarom kunnen wij uitzien naar ontwikkelingen van verbijsterende aard die in de komende eeuw zullen plaatsvinden.

                                                                            Mythras religie

 

Alle voorgaande tijdperken hebben hun leraren gehad. Toen de Zon door Taurus, het teken Stier, liep werden in Egypte en PerziŽ Osiris en My­thras aanbeden. Vanaf de vestiging van de Chris­telijke wereld ten tijde van Mozes, toen de Zon door het teken Ram ging, werd het lam geslacht.  ( zo werd Mozes, door de beroemde Michelangelo, die blijkbaar weet had van deze kennis, uitgebeeld met ramshorentjes -toegevoegd door fran)

 

                           Beeldhouwwerk Michelangelo                                           detail: hoofd Mozes met ramshoorns

 Een groot meningsverschil betrof het symbool van Christus, waaruit voortvloeide dat de bisschops­mijter nog steeds in de vorm van een vis wordt gemaakt om te symboliseren dat de fase van de Christelijke godsdienst die toen werd ingeluid, tijdens het Vissentijdperk, waarin wij ons nu bevinden, zou voortduren. 

 

                                                                                       

 

 Later zal het ideaal van de Zoon des Mensen, of volmaakte mens, tot inspiratie dienen van het Aquariustijdperk, dat zich nu aandient.

Het Aquariustijdperk moet niet verward worden met het Koninkrijk van Christus, die zal weder­komen. Noch moet het Aquariustijdperk verward worden met het Zesde of Galilese tijdperk. Want, om de woorden van Christus te citeren: "Van die dag of van die ure weet niemand, ook de engelen in de hemel niet, ook de Zoon niet, alleen de Vader." Het is gewoon belachelijk en een teken van onwetendheid, als iemand de komst van Chris­tus op een bepaalde, nauwkeurig aangegeven tijd, voorspelt. 

 

Misschien is het zelfs aanmatigend om er naar te raden wanneer de wederkomst van Christus ongeveer zal plaatsvinden, maar de schrijver heeft het vermoeden dat, daar de pre­cessiecycli, voor zover het de menselijke evolu­tie betreft, schijnen aan te vangen met het binnengaan van de Zon in Capricornus, de Steen­bok, tegen die tijd een ontwikkeling verwacht mag worden. Als dat juist is, kan de wederkomst niet plaatsvinden binnen tenminste de eerste driedui­zend jaar.

 

                                                                  steenbok

 

Bron: De Wijsbegeerte der Rozenkruisers in vragen en Antwoorden Ė Max Heindel (1865-1919) Eerste druk in 1947 Ė eerste druk Nederlandse vertaling in 1990  ISBN 90 73736 30 7

De inwijding van het Aquarius-era
Henk Leene

 

 

Er zijn drie eisen die met Inwijding samenhangen en die zijn: BELOFTE - TROUW - ZWIJGEN

 

Het zijn eigenschappen waaraan slechts de edele en vooral sterke mens zich kan houden. Hoe dikwijls beloven wij iets waarvan we weten dat we het niet kunnen houden. Nooit wat beloven is altijd beter dan je gelofte breken. Maar het NIET beloven vraagt consequenties, de risico's van het ongeliefd zijn, van spanning en misschien wel strijd. In onze moderne maatschappij wordt er nauwelijks rekening gehouden met de eigenschappen van een sterk en edel mens; wij staan met ons allen op losse grond. Je behoeft daarvoor alleen maar te kijken naar de discussies en de wazige beloften met betrekking tot herstel van ons milieu. Een mens die in dit leven, of zelfs in vorige leven, werkelijk is ingewijd houdt zich ook nu aan de oude beloften. 

 

Er zijn momenteel nog vele groeperingen die schermen met het "worden ingewijd", maar je kunt aan de aanhangers zien dat dit woord loos alarm is, een etiket om mede te pronken. Levende in de Aquarius-era is er aan de vorm van inwijding veel veranderd, maar het is logisch dat de essentie altijd dezelfde blijft. Het woord "trouw" is hier dus ook wezenlijk van belang. Innerlijke waarden, zoals die van de Inwijding, veranderen nooit. Het is onmogelijk dat iemand die is ingewijd, bv. doden kan, of vervloeken, of haten. 

 

Wij sluiten veel te innige verbintenissen met onze huidige maatschappij om ons enigszins te kunnen houden aan de drie eisen  van de Inwijding. Het gaat bij Inwijding immers NOOIT alleen om de belofte aan iemand in het bijzonder, of om de trouw aan een groep in het bijzonder, of om het zwijgen over overgedragen leringen alleen. De drie eisen zijn veel omvattender. De trouw geldt in alle opzichten. Je bent trouw aan je belofte, maar ook aan je zwijgzaamheid. De diepste basis ligt eigenlijk bij de energie, waarmede we allen werken en waaruit we allen leven. 

 

Energie verspillen is een vorm van trouweloosheid en belofte verbreken. Je kiest waarvoor je je energie wilt gebruiken: de Ingewijde gebruikt hem voor zijn doel: de opdracht en al zijn aspecten. De gewone mens is slordig met zijn energie, waardoor hij snel vermoeid en vooral trouweloos en nonchalant wordt met zijn beloften. Zich verliezen in beuzelpraat b v. is een vorm van energieverlies. En hoe meer je je energie verliest, des te minder zul je in staat zijn om je beloften gestand te doen. Indien we iets doen waarbij we geen energie verliezen, zoals bv. in een goede ontspanning, dus op het moment dat we opnemen EN afgeven, zijn we met iets goeds bezig. Een Inwijding is dus een belofte om de energie op peil te houden, dus bij te laden zodra je door het een of ander energie verliest. Je kunt je het als ingewijde niet permitteren om energie te verliezen. 

 

In onze tijd wordt er van bovenaf een dringend beroep gedaan op de ingewijden om alle zeilen bij te zetten, want het gaat fout met de levensomstandigheden op aarde, dus met het levensveld waar de onaardsen zich moeten bekwamen, dan wel moeten rijpen. En dit kan niet worden geduld. Daarom worden - nu reeds - de ingewijden, d.w.z. de bewusten, de trouwen en sterken, verzameld. Deze zullen momenteel binnen de komende tijd op hun opdracht worden gedrukt, omdat dit noodzakelijk wordt. Zij zullen samen, ieder op zijn eigen niveau, de levensomstandigheden van de onaardsen moeten reinigen, en vooral in orde moeten houden, straks moeten brengen, opdat de geschiedenis verder kan voortgaan. En dit is geen voorspelling, of zwartkijkerij: iedereen die scherp opmerkt ziet dat er iets totaal mis gaat. We behoeven de rampen niet op te noemen, de media staan er vol mede en radio en TV. brengen nauwkeurige documentaires over de situatie. 

 

Eeuwenlang heeft de mens kennis gemaakt met alle soorten Inwijding, die alle tot doel hadden hem wakker te schudden, hem te sterken, hem met zijn opdracht te confronteren. Nu we in de 21ste eeuw zijn aangekomen merken we dat we in de theorie en in de dromen zijn blijven steken. De Inwijding van nu is niet meer theoretisch, maar beperkt zich tot doen hetgeen in de afgelopen eeuwen werd geleerd. Ingewijden verliezen immers hun inwijding nooit. Ingewijden zijn beladen met vruchten uit het verleden en nu is de tijd aangebroken om daarmede te gaan werken. Degenen die nu nog hun opdracht moeten onderkennen, hebben niet veel tijd meer, zij zullen snel moeten leren, snel moeten reageren, snel moeten rijpen. Het zijn altijd de onaardsen die deze Inwijding ontvangen. De anderen bewegen mede met de omstandigheden en de tijd. Het zijn de onaardsen die de leiding gaan nemen, omdat de tijd vol wordt. 

 

De voorspellingen van de oude volkeren gaat langzamerhand in vervulling, de ingewijden wachten op orders van boven, onderwijl de medewerkers voorbereidend, de laatste slapenden nog wekkend, want, en ik zeg daarmede niets nieuws, de schepping waarbinnen de leerschool der Kosmos is gevestigd, dreigt kapot te gaan. En dit is iets wat in het verleden op andere planeten ook is gebeurd, maar op andere gronden. De aarde is een toevluchts- dan wel een verbanningsoord geworden. Het laatste oord waarbinnen herstel mogelijk was. Vandaar dat die aarde, in al haar facetten, moet BLIJVEN voortbestaan en de enigen die de ramp kunnen voorkomen, dan wel herstellen, zijn de onaardsen, want zij bezitten de mogelijkheden en de kracht. 

 

Ingewijd zijn in onze tijd betekent dus niets anders dan de opdracht aannemen en uitvoeren. Welke opdracht? Het herkennen van de opdracht behoort tot de voorbereiding. Het is nu het moment dat we niet langer kunnen twijfelen, overwegen, een leven leiden dat ons totaal onbevredigd, terwijl we weten dat we iets anders, iets beters, in geestelijk opzicht, kunnen doen. De tijd is nog te kort dan dat we energie, kracht kunnen vermorsen. We moeten niet langer beuzelen. De zeeŽn gaan kapot, de plantengroei is aan het sterven, de mensen raken ziek van vergiftigingen, de dieren zijn verziekt of sterven uit. Kortom, de vier rijken raken losgeslagen en van elkander verwijderd, terwijl dit een voorwaarde is voor het voortbestaan. 

 

De bodem van onze aarde wordt aan alle kanten open gewoeld, vergiftigt, uiteengereten. Hetzelfde zie je met de mensen, vooral in de geneeskunde: indien je ziekten wil genezen met mosterdgas injecties, waar ben je dan mede bezig? Het is een afschaduwing van wat er met de aarde gebeurt. Het is een zoeken van onwetenden, een verzet van arroganten, een lichtloos gedrag. Wij lijden aan de ziekten van de lichtloosheid en de onwetendheid, en die ziekten kunnen wel eens worden aangewend om ons op de feiten te drukken: we kunnen NIET leven zonder licht, in welk opzicht dan ook. We maken ons druk om atoomrampen, maar langzaam maar  zeker verziekt de schepping door de radioactiviteit, het is de "Stille Lente van Carson". Het is in volle gang en vrijwel niemand heeft dit door. En degenen die het door hebben staan veelal machteloos, omdat de tegenpartij zulke zwaarwegende eigenbelangen heeft. Maar het eigenbelang wordt algemeen, een noodzakelijk belang willen we niet allemaal omkomen. 

 

De Ingewijden zullen geplaatst worden op alle gebied: de natuurkunde, de geologie, om de aarde te herstellen; de geneeskunde om de mensen en de schepsels te herstellen; het protest om de slapende wakker te schudden; en dan moeten zij nog de kunde bezitten om dat wat kapot gaat opnieuw tot leven te brengen. En dit alles moet gebeuren op basis van alchemie, de kunde, de wetenschap van de wetten van het Al. Dan heeft het totaal geen zin meer of je allerlei symbolische uitleggingen geeft aan de alchemie, je moet er dan mede kunnen werken. Het is een ontstellend kwaad dat bv. de bijenvolkeren stervende zijn aan de varoa-mijt, de bijenvolkeren hebben een opdracht, het is een onaards volk. Die opdracht gaat verloren, omdat wij, mensen, het levensmilieu vergiftigen. Dus de bijen moeten worden gered, MOETEN worden gered willen we overleven. Zal de chemie, die alles eerst verziekt heeft, hen redden? Moeten we hen blootstellen aan gemene chemische stoffen en afwachten of hun organisme dit ook nog zal overleven, zoals we gewend zijn bij zieke mensen te doen? 

 

We gaan van een totaal verkeerd standpunt uit: het zijn nooit de mensen, die met HUN middelen de natuur moeten redden, maar het is de natuur, die moeten we de gelegenheid geven met haar eigen mogelijkheden zichzelf te redden, omdat ook in de natuur een innerlijke genezer woont, net zoals bij ons. Als de Ingewijden aan hun taak beginnen, weten zij hoe de wetten van de natuur werken en wat zij dus precies moeten doen om die wetten te herstellen. Er is geen andere wet dan een universele wet voor kosmos, schepping en schepsels. Niet voor niets bestaan we allemaal uit dezelfde oerelementen. Als die oerelementen uit elkander worden geslagen, wordt de wet aangetast, de wet van herstel. En daar zijn we dus mee bezig. 

 

Als de regen, de lavende, hemelse, herstellende waterbron vervuild, verzuurd, chemisch giftig is, waarmede zal de natuur zich dan herstellen? Het gaat nooit om de kwantiteit, maar wel om de kwaliteit. In de kwaliteit ligt het herstelvermogen, dus de essentie voor het voortbestaan. Daarom kunnen we ons in deze tijd van urgentie niet meer laten inwijden, we moeten maken dat we elke mogelijkheid aangrijpen om onszelf in te wijden. We moeten snel een beroep doen op de nog in ons aanwezig herstelkracht, de innerlijke Genezer, de Immanente God, de oerbron, of hoe we dit ook noemen. Er is geen tijd meer om stil te staan bij imitaties en dromen over het verleden, het is nu het ogenblik om te kijken wat we doen kunnen. 

 

Zo'n beweging als Greenpeace bv. is duidelijk bezeten van een opdracht, zij werken op hun niveau, een nuttig niveau, en zij schudden de mensen wakker en nemen risico's, d.w.z. zij zijn zich bewust van een opdracht. Het is hetzelfde als ten tijde van de Katharen: er werden risico's gelopen aan de ene kant en aan de andere kant werd er voor gewaakt dat alles door kon gaan. De Ingewijde van onze tijd gaat een redder worden, geen prediker meer. We zeggen immers zo dikwijls dat de tijd van praten is voorbijgegaan. Nu is het de tijd van de daad en wel een herstellende daad, op alle niveaus. En als je met herstel bezig bent, kun je geen enkel compromis aangaan met de vernietiging. Dus moet je geleerd hebben trouw te blijven aan je opdracht en ook te kunnen zwijgen, zodat de tegenpartij je niet vernietigd voordat de opdracht is uitgevoerd. Bovendien zijn er waarden en kennis die nooit door de vernietigers mogen worden vernomen, omdat ze tot vernietiging zouden kunnen worden gebruikt. 

 

U weet: op aarde zijn er altijd twee mogelijkheden aan een kennis: opbouw of afbraak. De afbraak vindt automatisch plaats in onze dagen, er is een kettingreactie in gang gezet die niemand meer zal kunnen stoppen. Dus we moeten ons oriŽnteren op het herstel, een volkomen herstel, niet het "redden wat er te redden valt." Die tijd is ook allang voorbijgegaan. 

 

Bij een mens zeggen we dat disharmonie - ook in de energiebalans - ziekte voortbrengt. Wat zeggen we dan wel van onze schepping, waarin alles momenteel is verstoord? Moet de aarde ook niet leven uit de balans tussen de yin en de yang, het evenwicht tussen toevoeren en afvoeren? Mensen bij wie deze energiestroom tot staan is gebracht door chemische medicijnen, wiens zenuwstelsel en spieren totaal zijn vergiftigd door chemie, lijden, naast hevige pijnen, aan psychische stoornissen. Dus een theoretische inwijding, met alle plechtige ceremonieel is niet waar de schepping en de schepsels op zitten te wachten. En dat weten de Ingewijden, maar ook de neofieten die Inwijding zoeken. Zij zoeken momenteel immers anders. Het zoeken naar ceremoniŽn is voor de aardse mens, de onaardsen, de echte zoekers, willen nu de werkelijkheid. 

 

Daarover praten ze toch steeds? Die echte zoekers zien niet op tegen de eisen: beloftetrouw, zwijgen. Het is een logisch uitvloeisel van hetgeen ze zoeken. Ook nemen ze de consequenties aan: zondigen tegen de eisen is uitbanning en een eeuwige zwerftocht, een eeuwige onbevrediging. De rijpe neofiet, en ze rijpen heden zeer snel, ziet de catastrofe op zich afkomen, zonder dat hij eventueel aan demonstraties deelneemt. We moeten bij de wortel beginnen om te kunnen herstellen. We kunnen de begerigen, de egoÔsten en de dommen niet veranderen, maar we kunnen wel kennis verzamelen om het slachtoffer, de aarde, de onbewuste schepsels, te redden. Iedereen ziet toch dat het totaal nutteloos is om te blijven discussiŽren, de afbraak gaat onderwijl door en zeer snel. Een bewust mens, een juist onderscheidend mens, gaat langzaam beseffen waar zijn opdracht ligt, want alle opdrachten van de Ingewijden en neofieten grijpen als radertjes in elkander om het doel te bereiken: de voortgang van de wet, de voortgang van het bestaan en de herstelmogelijkheden. Het is nu het moment niet meer om zodanig compromissen te sluiten dat men daardoor zelf zijn opdracht verzaakt. Er zijn er reeds te veel die verzaken. 

 

De vijf elementen als basis voor het leven moeten zich straks, na de ramp, herstellen; dus zullen er Ingewijden en neofieten zijn die werken aan de aarde: de geologen, de kenners van de aardewetten, en geoloog ben je als je de alchemie kent. Dan zullen er zijn die met de lucht moeten werken, vooral de spirituelen, zij die wat van de ether weten en zij die met gedachtekracht kunnen omgaan. Dan zullen er zijn die met het vuur, het licht moeten kunnen werken, dat zijn de natuurkundigen, eveneens alchemisten, maar ook zij die energie kunnen bundelen. Dan zullen er zijn die met het water kunnen werken, dat zijn de intuÔtieven, de gevoeligen, degenen die de alchemie in een ander aspect uitoefenen. En tenslotte zullen er de Ingewijden zijn die uitsluitend met de ether arbeiden, dat zijn de hoogsten, degenen die ŗlles bestrijken, die alle elementen kunnen hanteren. 

 

Met hen arbeiden de neofieten, op de kleinere onderdelen: de planten, de bomen, de dieren, de mensen, kortom: de schepsels die verzieken. Samen zullen zij een eenheid, een werkgroep vormen, en zij zullen drie gaven bezitten:zij houden hun belofte: de opdracht;zij zijn trouw aan het doel: levensbelang voor allen; en zij houden zich aan het zwijgen: zij bezitten de kennis, de macht en de kracht, maar praten er niet over, noch over HOE zij het doen, noch over WAAR zij het doen, noch over WANNEER zij het doen, want de macht en de kracht liggen in het zwijgen - de stilte - die vol is van activiteit. 

 

Mogen sommigen van ons reeds hiermede doende zijn, straks zullen zij elkander vinden, want motief en doel zijn dezelfde. Gezegend is hun inzet!

 

 

 

 

 

                             

 

Gastenboek van Spirituele Vrienden.

  

Top 100 NL