Esoterisch bijbellezen.

waarom? - symbolen - namen - getallen - verklaringen

Waarom zouden we de bijbel op een andere manier gaan lezen?

In onze tijd, nu het gros van de mensen tot zelfstandig denken is gekomen en daardoor niet meer kàn geloven in een uitleg volgens de letter van vele bijbelplaatsen, is bezinning op de betekenis van de bijbelinhoud en vernieuwing van het geestelijk denken dringend nodig. Als dit achterwege blijft, zal het denkend gedeelte van de mensen de orthodoxe kerkgenootschappen verlaten. Wat er overblijft, dreigt tot verstarring te komen, zoals overal gebeurt, wanneer het panta rhei - alles is in stroming - veronachtzaamd wordt. Weliswaar is de Schrift eeuwig, maar ons begrip mag niet verstarren.

 

Het gevaar hiervan is niet denkbeeldig. Een voorbeeld daarvan is te zien bij de Parsi's in India, die aldaar een niet-meer-levende Zara­thustrische religie hebben, en ook bij de Tibetanen, die van het echte bidden overgingen tot gedachteloos woorden-geprevel, waar­van de consequentie was, dat zij de gebeden lieten verrichten door gebedsmolens.

 

Door de geest van ons denken moeten wij vernieuwd worden, luidt het in Ef.4:23.

Aan de Romeinen schrijft Paulus hetzelfde in de volgende woorden: 'Wordt hervormd door vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt onderkennen, wat de wil van God is' (12:2).

 

Het ongeluk wil, dat sommige (of vele?) conservatieven het toch voor ons bestemde N. T. veronachtzamen, waar zij deze dingen kun­nen lezen, en dat zij de wil van God zoeken te vinden in het O.T., dat zich uitdrukkelijk richt tot het volk van Abraham, Izak en Jacob, niet tot alle volkeren, en waar niet de vrijheid wordt geleerd, maar de gehoorzaamheid aan de Wet, die voor de voorchristelijke tijd bestemd was. Zie Rom. 7: 6.

 

Tot alle volkeren der aarde richt zich het N. T., dat dan ook - en hier mag niet aan het toeval worden gedacht - in een wereldtaal werd geschreven: het Grieks. Het N. T. leert de vrijheid. Het bevat ook een gebod, maar dat is van een heel bijzondere aard; Joh. 13:34 luidt; 'Een nieuw gebod geef Ik u: dat gij elkander liefhebt'.

 

Het theologisch genie dat Paulus was, spreekt over het 'Nieuwe Verbond' (een betere vertaling van diathèkè dan 'Testament') aldus: '. . . maar onze bekwaamheid is het werk van God, die ons in staat heeft gesteld om dienaren te zijn van een nieuw verbond, niet van de letter, maar van de geest'.

En om ons deze toch alleszins klare taal nog beter op het hart te drukken, laat hij erop volgen: 'want de letter doodt, maar de geest maakt levend'. (11 Kor. 3:5-6)

Als voor­malig Farizeeër had Paulus ervaring inzake letterknechterij.

Het wordt hoog tijd dat men er toe overgaat, aan Paulus' uitspraken over het Mysterie en aan de daarmee verband houdende uiteenzet­tingen van Clemens en Origenes aandacht te schenken.

 

Wij moeten er toe overgaan, aandacht te wijden aan de beeldver­halen en hun betekenis naar gelang van de daarin gebezigde sym­bolen, alsook aan de cryptische termen.

Het is onjuist, de gehele Gnosis over één kam te scheren en af te wijzen als zijnde onbruikbaar. De aan de Alexandrijnse Gnosis en aan Dionysios Areopagita te ontlenen gegevens vormen een kostbare gids voor het lezen van de Bijbel.

 

Intussen is er nog de moeilijkheid, dat niet alle mensen tot geestelijk denken bekwaam zijn. Allereerst is er het feit, dat men aan kinderen de symbolen en de cryptische termen niet mag verklaren; het kind mag volstrekt niet tot geestelijk denken worden aangezet, want daar is het nog geenszins aan toe.

Wat de volwassenen betreft, men dient rekening te houden met het ontwikkelingspeil. Bij de zending en de missie en ook voor een onontwikkeld gehoor moet hetzelfde worden gegeven als aan de kinderen: de beeldverhalen zonder meer, desnoods met de mede­deling, dat er nog een diepere betekenis aan is verbonden, die later kan worden behandeld.

 

Het zou evenwel onjuist zijn om, terwille van een idee om alle mensen als onderling gelijk te beschouwen - hetgeen zowel inzake hun aanleg als hun ontwikkelingspeil niet met de werkelijkheid, overeenstemt - de mensen mèt aanleg en ontwikkeling het geeste­lijk onderricht te onthouden, dat de Bijbel voor hen weer geloof­waardig en overtuigend maakt.

Deze categorie toch omvat de dragers der cultuur. (Als men bepaald wil nivelleren, dan kan dat nog beter naar boven gebeuren dan naar beneden).

:

Toen in het begin van deze eeuw ds. Geelkerken de moed had om openlijk te zeggen, dat de slang niet in menselijke tale tot Eva heeft gesproken, was dat een teken aan de wand. Alom is het verlangen ontstaan om te begrijpen, wat men als geloof heeft ontvangen.

 

Het probleem aangaande exegese Of naar de letter Of naar de geeste­lijke betekenis, al naar het onderwerp dat vereist, of deze twee beide, lijkt mij minder moeilijk dan de prestatie, de mensen te doen geloven dat de Heiland vertoornd zou zijn geworden op een on­schuldige vijgenboom omdat deze - terwijl de tijd voor vijgen nog wel voorbij was, zoals Marcus vermeldt - geen vrucht meer droeg, of, dat de staf van Aäron. . . maar laat dit genoeg zijn. Er staat geschreven, dat deze in een slang veranderde, maar niet, dat men dit verhaal naar de letter moet opvatten, als een concrete gebeurtenis.

 

Zou het in feite niet gemakkelijker zijn om, steunend op het bijbel­woord zelf (zoals in Openb. 1: 1, of Jes. 1: 1, Ez. 1: 1 en Hebr. 8: 5) de mensen erop te wijzen, dat de bijbelinhoud voor een belangrijk deel afkomstig is van zienerschap?

 

Sedert in de religie tengevolge van het verbod der gnosis het weten verloren is gegaan, bewandelt men de platgetreden paden, die Ori­genes alleen voor de minder ontwikkelden goed vond.

Men dient bereid te zijn, ja, de wil te hebben om de goddelijke openbaringen ten volle te doen gelden, d.w.z. niet te blijven stilstaan bij de beel­den, maar ze te verklaren.

Het is dringend nodig, dat de inhoud van de bijbelboeken wordt uitgelegd zoals deze door de auteurs daarvan bedoeld is.

In de dagen van Clemens en Origenes werd dit verhinderd door de destijds nog gehandhaafde geheimhouding, maar deze is er niet meer, en een belangrijk deel van de mensen is thans in staat tot spiritueel denken, het denken dat gevoed wordt uit de Heilige Geest, die alles ver­nieuwt en die levend maakt.

 

Bron: De Bijbel en de Antieke Mysteriën  - J.G. Sutherland

 

 

 Symbolenwoordenboek uit de oude mysteriescholen.

 

Alle antieke beschavingen hadden eertijds, voor onze tijdrekening, mysteriescholen waar leerlingen voorbereid werden op inwijding in de hoogste goddelijke mysteriën. Zo’n leerling werd daarbij geleid door een hiërophant en werd zelf myste genoemd.

Vermits het verboden was, op straffe des dood, om de geheimen van de mysteriën door te geven aan niet ingewijden en opdat ingewijden elkaar toch zouden kunnen herkennen en begrijpen, werd een veelvuldig gebruik gemaakt van symbolen. Ook Jezus deed dit in zijn openbare predikingen. Vandaar dat hij ook dikwijls zei: ‘Wie oren heeft, die hore’; met andere woorden: ‘wie de symbolen kent zal dit kunnen vatten’.

Zowel in het oude als in het nieuwe testament is dan ook veelvuldig gebruik gemaakt van deze symbolische taal.

Wie eenmaal weet heeft waar die symbolen voor staan, is dan ook in staat om de Bijbel op een esoterische manier te lezen en vindt er een veel rijkere inhoud dan wat ons ooit door de kerken is aangeboden.

Veel verhalen die ons totaal niets meer zeggen krijgen daardoor ineens weer zin en betekenis.

 

Ik zal proberen om hier zoveel mogelijk van deze symbolen te verzamelen zodat, wie daar belangstelling voor heeft, in staat is om net als ik de Bijbelse geschriften met die nieuwe inzichten te gaan lezen. Dus: wie oren heeft, die hore.

 

 

Bronnen voor deze symboliek:

1.De Bijbel en de Antieke Mysterien - door J.G. Sutherland

ISBN 90.6077.502.3 - uitgeverij Servire 1975 

2. Nieuw inzicht omtrent de bijbel - door J.G. Sutherland

ISBN 90.70414.42.2 - uitgeverij Zevenster Zeist 1983

3. Bijbelse symbolen - door J.G. Sutherland

ISBN 90.70414.29.5 - uitgeverij Zevenster Zeist 1982

 

 

* aanschouwen of schouwen: duidt in het OT op bovenzinnelijke waarneming
* adam: Grieks anthrofoos = mens 
* beer: in de bijbel symbool voot 'plotselinge toorn'
* berg: meestal symbool van de hogere wereld of waar men contact heeft met de geestelijke wereld - vb Mozes op de berg waar hij de stenen tafelen ontvangt.  
* bloem/bloemen: symbool van hogere liefde
* Boom planten: symbool voor het stichten van een godsdienst (meermalen bij Abraham)
* Bron graven: toegankelijk maken en schenken van ‘levend water’ of ‘de heilige geest’ (meerdere keren bij Isaäk)

* Brood: (in OT en NT staan 175 verwijzingen naar brood) : Het Woord van God, vermeerdering van kennis. Wanneer Jezus de hongerigen spijzigt dan gaat het om Geestelijk voedsel en niet om stoffelijk brood. Jezus noemt zichzelf Levend Brood. Zie ook Bethlehem bij betekenis van namen

* dierenfiguren met meerdere vleugels: het leven in hogere sferen
* dierenfiguren met talloze ogen: alziend vermogen in hogere sferen
* discipel, dien de Heer liefhad: iemand (in dit geval Johannes, de evangelist en de vroegere Lazarus) die door Jezus de inwijding had ontvangen. Bij deze handeling stelde iemand zich geheel open voor de hiërophant, voor wie zijn wezen kwam open te liggen en die zijn leven in de hand had.
* drie dagen dood, schijndood, bewusteloos of slapend: verwijst altijd naar iemand die de hoogste inwijding ontvangen heeft onder leiding van een hiërophant - voorbeelden uit OT en NT: Jona en de drie dagen in de walvis - Lazarus na drie dagen opgewekt  door Christus - Saulus na drie dagen blindheid en slaap gewekt tot Paulus
* Drie-eenheid van God: zie uittreksel 1
* Duif: loodrechte nederdaling, de wijze van nederdalen van de goddelijke geest.
* Duizendtallen: wijzen op verschillende cultuurtijdperken (van elk ongeveer 2160 jaar en verbonden aan de dierenriem) Zo slaat 3000 op het tijdperk van de Stier (bloei van zienerschap in Egypte) 4000 op het tijdperk van de Ram (Hellas-Rome)waarin de Messias zou komen en 5000 op het tijdperk van de Vissen. (huidige tijd).  Zo is de spijziging van 5000 door Jezus een symbool voor de geestelijke spijziging die mensen van ons tijdperk, het vijfde, ontvangen. Bij Matth is sprake van spijziging van 4000: hier gaat het om de geestelijke spijziging van de toen levende mensen.
* een blote voet en een geschoeide/ man met één schoen: staat symbool voor een ingewijde die staat in twee werelden.
* Egyptische duisternis: De achteruitgang van het bovenzinnelijke waarnemingsvermogen in Egypte, wat een schrikwekkende gewaarwording moet zijn geweest.
* Gouden kalf: was een stierkalf en symboliseert een terugval van het Ramtijdperk (denken) in het Stiertijdperk: visionair tijdperk in Egypte
* Haan: symbool van waakzaamheid en van tot bewustzijn komen.
* heerlijkheid: duidt in het OT op goddelijk geestlicht, niet waarneembaar voor het stoffelijke oog
* heiligdom of tempel: het lichaam als tempel voor de Christus (of godsvonk) dat dus moet gereinigd worden om waardig te zijn. 
* het getal veertig: duidt meestal op een door God bepaalde tijd (veertig dagen, veertig jaar) als voorbereiding op of als overgang  naar iets (denk aan Jezus, veertig dagen in de woestijn, Mozes, 40 jaren aan het hof van de Farao, 40 jaren met zijn volk onderweg)
* het getal zeven: komt heel dikwijls voor in de bijbel en duidt op ofwel: stoffelijk de zeven planeten (die toen gekend waren) of astraal: de zeven sferen, elk verbonden aan een planeet, waarvan de zon de hoogste was, of de zeven gestalten van de goddelijke wijsheid (zie bv zeven pilaren in Spreuken 9:1; zeven jonkvrouwen in Ex. 2:11-22)
* hiërophant: hoog ingewijde die een mysthe begeleidt bij diens inwijding en hem na drie dagen terugroept uit de hogere wereld waarin hij was uitgetreden.
* hiërophantenstaf: op een reliëf op een sarcofaag te Rome wordt Jezus, bij de opwekking van Lazarus, uitgebeeld met de hiërophantenstaf, wat duidelijk maakt dat Lazarus niet dood was maar wel de hoogste inwijding ontving. 
* ijzeren staf: symbolische betekenis van het metaal ijzer is 'loutering'.  Teksten over: 'Hoeden met een ijzeren staf' gaan dus over het niet meer geleid worden door zijn stoffelijke begeerten en luimen, maar door de gelouterde ziel.
* komen over de wateren (mandje van Mozes bv) heeft betrekking op de tocht van de ziel naar de aarde vanuit de astrale wereld waar haar thuis is.
* Krokodil (levithan): Lucifer die de mens doet zweven, in fantasie laat opgaan en de materie laat verwaarlozen.
* lag aan de boezem van Jezus: een ingewijde kan via wezenscontact met zijn hiërophant communiceren, meestal tijdens de slaap - zo wordt hier Johannes voorgesteld, slapend aan de boezem van Jezus
* Logos: God als scheppende kracht 
* mantel van Elia: symbool voor diens profeetschap
* mysthe: persoon die zich voorbereidt op de hoogste inwijding in de mysteriën.
* Nijlpaard (behemoth): Satan  die de mens diep in de materie drukt waarbij hij het geestelijke vergeet.
* Paard: symbool van menselijke intelligentie. Het draagt ons en brengt ons vooruit.
* Paarden in Openbaring: wit paard: het zuivere denken – rossig paard: denken in dienst van begeerte en hartstocht – zwart paard: denkkracht in geestelijke duisternis en ten dienste van de materie en economie – vaalkleurig paard: denken ten dienste van vernietiging (oorlog, vergiftiging, uitroeiing van dieren en plantenrijk
* palmboom: symbool voor het kunnen ontvangen uit de Goddelijke wereld.(Jeroen Bosch schilderde de boom der kennis als palmboom)

* Scheepgaan naar eenzame plek: uittreden van de ziel tijdens de slaap naar de astrale wereld (cfr water) om daar te herstellen van de dag.

* Sjeool: de sfeer tussen aarde en hemel (cfr vagevuur bij katholieken) waar de ziel na de dood verblijft om los te komen van aardse bindingen/ondeugden tot ze licht genoeg is voor de hemelse sferen of terugkeert naar de aarde.
* slaap: meestal gebruikt voor het onbewuste gevangen zijn in de materie 
* slang in de mens: naast de stoffelijke ruggegraat loopt de aetherische 'ruggengraat' die er dus uitziet als een slang en die zorgt voor buitenzintuiglijke waarnemingen via de organen der helderziendheid (chakra's?) De mens moet deze overwinnen door het denkvermogen, vandaar in de aesculaap: de slang en de staf zoals Mozes die verenigde in de woestijn ter genezing van zijn volk 
* slang: symbool van het occulte aanschouwen en occulte communicatie - vb uit OT: in een slang vanaderde staf van Aaron - 
* staf: denken en communicatie - rechtlijnig denken - vb uit OT: staf van Aaron die verandert in een slang aan het hof van de Farao. De staf die verandert in een slang is het overgaan van normaal communiceren tot communiceren via telepathie (geestelijke vermogens)
* Steen/stenen: symboliseren het denken dat plaats heeft in het hardste deel van het lichaam, het hoofd
* Steen/stenen rechtopstaand (menhir) : het denken is gericht op God (zie Jacob)
* tebah (kistje op golven) en arca (de ark) bij Mozes en bij Noach: staat voor de sarcofaag waarin de mysthe, gedurende de drie dagen en drie nachten durende uittreding, lag bij de hoogste inwijding (zoals bv in de tempel van Isis in Egypte) In het OT wijst dit erop dat ook Noach en Mozes ingewijden waren; dat Mozes zelfs als ingewijde geboren was.
* Twaalf toonbroden: Symbool voor ‘ruimte’(cfr. Dierenriem) en voor de hemelse spijziging die de mensen ontvangen uit de kosmos.
* volledige duisternis in Egypte: (als een der tien plagen) verlies van de visionaire vermogens
* Vorst = voorste of eerste
* water of zee: symbool voor de astrale wereld 
* Wassen met water (handen van Pilatus – doop door Johannes) in de oude tijden kon men de oppervlakkige zonden van de nog onbewuste mens wegwassen met water.
* wie oren heeft, die hore: ingewijden weten hier dat het over symbolen uit het mysteriewezen gaat
* witte gewaden: beeld van het uitstralende geestlicht - symbool voor de aura
* woestijn in OT: beeld van de aardewereld toen de mens de dromen van het occulte gevoelsleven verloor en van schouwen overging naar zelfstandig denken.
* wolken: de aethersfeer (waarin Christus bij ons blijft tot het einde der tijden)
* wolkkolom en vuurkolom in de woestijn: hogere leiding van Jahweh aan zijn volk. Jahweh is trouwens niet gelijk aan God, maar een afgezant van God (een van de negen orden der Hemelse Hiërarchieën (Serafijnen, Cherubijnen, Tronen, Heerschappijen, Krachten, Volmachten, Archai, Aartsengelen, Engelen = met zijn allen samen: de Wereldziel) )
* wonderen in de bijbel: natuurlijke werkingen op bovenstoffelijk plan die dus niet ingaan tegen de stoffelijke natuurwetten

Betekenis van namen in de bijbel.

 

Vroeger werden namen van personen niet 'zomaar' in het wilde weg gekozen. Een naam was veelzeggend voor de persoon die hem droeg.

Meermaals kunnen we lezen dat aan een toekomstige moeder door een engel of boodschapper werd opgedragen welke naam zij aan haar kind moest geven.

Denk hierbij aan de engel Gabriel die aan Maria de opdracht gaf om haar kind de naam Jezus te geven.

Dikwijls gaat achter de betekenis van bijbelse namen de levensopdracht van de betreffende personen schuil.

 

Abel = ademtocht, windvleug dus geen uiterlijke kracht (nog sterk verbonden met de goddelijke wereld)
Abram = vader der hoogten (die kan ‘zien’)
Abraham = vader van een menigte   (nieuwe naam van Abram)
Adam = aardbewoner, mens (afgeleid van adama – leem)  - Grieks anthrofoos = mens 
Bethlehem = huis des broods of broodhuis
Esau = de ruwe; de behaarde (mensenvorm die moet verdwijnen)
Henoch = de inwijder
Isaäk = hij lacht (zoon van Abraham en Sara)
Israël (naam die Jacob kreeg na zijn gevecht met de engel)  = strijder Gods
Jacob = de bedrieger; ook verwant aan ‘hiel’ (eigen denken vangt aan – eerste kenmerk is listigheid)
Jacobs twaalf zonen = vertegenwoordigen de twaalf tekens van de dierenriem en dus alle volkeren.
Kaïn = ‘de verwerver’, ‘kunner’ m.a.w. een man van de daad (meer gericht op de materie)
Lea = 'fletse' en wijst naar maansfeer (eerste vrouw van Jacob)
Noach = rust
Noachs drie zonen = drie cultuurstromingen: Japeth = Arische; Sem = Semietische; Sham = Hamietische (Shams zoon: Kanaän van wie de Kanaänieten afstammen)
Rachel = ooilam en wijst naar tijdperk van de Ram waarin de messias zal komen (tweede vrouw van Jacob)
Sarai = die heersen wil (vrouw van Abram)
Sara = de tot heersen gewijde (nieuwe naam van Sarai)
Sophia = beeld van de goddelijke wijsheid

 

Betekenis van getallen in de bijbel.

 

Wat hier volgt heeft niets te maken met de getallen-symboliek van de Joodse Kabbala, maar wel met de symboliek van de getallen die in de bijbel veelvuldig worden gebruikt. Bij ons worden getallen gebruikt om een hoeveelheid (kwantiteit) aan te duiden. In de bijbel moet men bij een getal eerst kijken naar de symbolische functie (kwaliteit) van een getal. Is dit niet aan de orde, dan wordt de kwantitatieve betekenis bedoeld.

 

1

God als de Ene God

3

God als de drievuldige werking van Vader, Zoon en Geest. De Vaderwerking is de scheppende werking die de mens ondergaat, met of zonder zijn medewerking. De Zoonswerking kan alleen geschieden daar waar de mens ernaar verlangt en er zich voor openstelt en het doel ervan is om te liefde, die vooreerst alleen op bloedverwantschap berustte, te laten groeien tot universele liefde. De werking van de H. Geest tenslotte, is de mens te brengen tot het denken in de waarden van de goddelijke geest. lees meer

7

Het getal 7 heeft betrekking op 'tijd-werking' en is afgeleid van de 7 scheppingsdagen in het boek Genesis. Met dit tijdritme van 7 dagen richten wij ons op het werk van God. 7 wordt heel vaak gebruikt om een afgeronde cyclus in de tijd aan te duiden. Enkele voorbeelden

9

De theosofie laat de mens zien als een samenspel van 9 lichamen, drie die bij de stof horen ( het astraallichaam, het eather- of levenslichaam en het stoffelijk lichaam) , 3 bij de ziel en 3 bij het hogere, goddelijke deel van de mens, de geest. Elk van deze lichamen hoort tot een bepaalde sfeer en wordt daar ook door beinvloed. 9 is dus het getal van 'de mens'.

12

Het getal 12 symboliseert de allesomvattende ruimte, of kortweg: alles/  het geheel van... Zoals de twaalf tekens van de dierenriem de hele mensheid omvat, zo was de betekenis van de 12 stammen van Israel: de hele bevolking. Jezus koos twaalf discipelen (apostels) als vertegenwoordigers voor alle volkeren. Sommige esoterische geschriften melden dat elke apostel onder een verschillend astrologisch teken geboren was.

40

De symbolische betekenis van het getal 40 is: een door God bepaalde tijd. Het gaat, wanneer dit getal in de bijbel vernoemd wordt, bijna altijd om een tijd van voorbereiding op een transformatie. In onze tijd is het woord 'quarantaine' wellicht nog een uitvloeisel van (quarantaine is een periode van 40 dagen die een patient met een besmettelijke ziekte in afzondering wordt geplaatst. ) .Enkele voorbeelden van 40 uit de bijbel.

666

Het getal des mensen is 9, te weten: de drievoudige geest, de drievoudige ziel, het astraallichaam, het aether- of levenslichaam en het stoffelijk lichaam. De som der cijfers van het getal 666 is óók 9. Men zou hieruit kunnen concluderen, dat de mens, als hij zich aan het boze overgeeft door de incarnaties heen, van het getal des mensen overgaat naar het getal van het beest, 666.

1000

1000 heeft in bijbelse teksten altijd de betekenis van: zeer veel. Enkele voorbeelden . Wanneer er veelvouden van 1000 gebruikt worden staat dit, zowel in het OT als in het NT, symbool voor de eigenschappen van een van de na-atlantische tijdperken. Deze eigenschappen zijn:  

3000

3de, stiertijdperk: de periode van zienerschap en verbondenheid met de 'wereld achter de sluier'

4000

4de, ramtijdperk: de periode van het ontwikkelen van het zelf denken als voorbereiding op de komst van de Messias die bij daglicht geestelijk voedsel uitdeelt.

5000

 5de, vissentijdperk: de periode waarin de mens niet langer geestelijk voedsel krijgt bij dag door een uiterlijke leiding, maar bij nacht door innerlijke leiding van het Zelf.

144.000

Het getal 144.000 is een veelvoud van 12, het getal dat op het veel-omvattende en op 'ruimte' duidt. Het kwadraat is 144 ( 12X12) en dit nog eens X 1000 geeft 144.000 en kan dus duiden op een geheel van veelomvattende grootte en volmaaktheid.

 

 

voorbeelden: 7 in tijds-cyclussen

 

zeven sferen om daarna over te gaan naar de vierde kosmische graad ( Jozef Rulof)

zeven kosmische graden om het AL te bereiken ( Jozef Rulof)

zeven weekdagen naar analogie met het bijbelse scheppingsverhaal in Genesis 1

zeven weekdagen naar analogie met de 7 eertijds gekende planeten (waaronder ook zon en maan)

zeven na-atlantische tijdperken, waarvan elk tijdperk aanvangt met de zonnestand in het midden van betreffend sterrebeeld

 

1. ± 7200 - ± 5000 v. Chr.

kreeft Cultuurtijdperk der Hindoes

2. ± 5000 - ± 3000 v. Chr.

tweelingen

Cultuurtijdperk van Perzie

3. ± 3000 - 747 v. Chr.

stier

Cultuurtijdperk van Chaldea-Babylon-Egypte

4. 747 v. Chr. - 1413

ram

Cultuurtijdperk van Hellas- Rome

5. 1413 – 3573

vissen

Cultuurtijdperk van heden

 6. 3573 - ± 5700

waterman

Cultuurtijdperk der Slavische volkeren

7. ± 5700 -± 8000

steenbok

Cultuurtijdperk dat nog geen naam heeft

 

Over het getal 7 is voorts nog dit belangrijk, want het geldt overal en altijd:

Bij de oude Grieken was men reeds bekend met het feit, dat het menselijk leven verloopt in perioden van 7 jaren.

De eerste daarvan is uitsluitend bestemd om het kind te laten spelen; de opvoeding moet dan beperkt worden tot het toezicht en het goede voorbeeld, want een kind doet alles na; van vermaningen begrijpt het weinig.

De tweede periode is die van het basis-onderwijs; eerst na zijn zevende verjaardag mag het kind zijn hersenen inspannen.

In de derde periode begint de pubertijd, en op het 21 ste levensjaar wordt de meerderjarigheid bereikt, eerder niet.

Omstreeks het 28e jaar en het 35e jaar wordt een innerlijke groei bereikt, en op het 35e jaar is de mens "voltooid" in die zin, dat hij volledig geschikt is voor geestelijke groei. Als deze werkelijk plaats vindt, dan kan dit tot op hoge leeftijd voortgaan.

****************

voorbeelden van 40 in de bijbel

De koningen Saul, David en Salomo regeerden elk 40 jaar
40 etmalen van regen die de zondvloed als gevolg had
Goliath stelde zich 40 dagen op voor de strijd tegen David.
Het leven van Mozes is verdeeld in drie periodes van 40 jaar waarvan de laatste:
40 jaar in de woestijn op weg naar het beloofde land
Mozes verbleef 40 dagen op de berg Sinai

Na zijn doop in de Jordaan verbleef Jezus 40 dagen in de woestijn
Tussen de opstanding van Jezus en zijn hemelvaart ligt een periode van 40 dagen
Jezus verbleef, als stoffelijke mens, 40 maanden op aarde

****************

voorbeelden van 1000 en 1000-tallen in de bijbel

1000
psalm 50:10 Al het gedierte des wouds is Mijn, de runderen op 1000 bergen.
psalm 90:4    Duizend jaren zijn in Uw ogen als de dag van gisteren
I Kon. 3:4   Salomo bracht op het altaar van Gibeon 1000 brandoffers.

3000

*Toen Simson de tempel van Dagon liet instorten, staat in Richteren 16, 27 : En het huis was vol van mannen en vrouwen, ook waren al de vorsten der Filistijnen daar, en op het dak waren omtrent drie duizend mannen en vrouwen, die toezagen hoe Simson speelde.
De Filistijnen behoorden tot het 3de tijdvak en dat tijdvak moest plaats maken voor het 4de. Vandaar dat deze 3000 moesten sterven. (niet letterlijk op te vatten)
* Terwijl Mozes op de berg was, maakten de Israelieten (die op weg waren naar het 4de tijdperk) een Gouden Stierkalf ( vielen dus terug in het stiertijdperk - Egypte) werden 3000 man gedood bij de bestraffing.
Ex. 32:28 En de kinderen van Levi deden gelijk Mozes hun gezegd had, en er vielen op dien dag van het volk drie duizend man.
* In Handelingen 2:41 bekeert Petrus 3000 Israelieten tot het Christendom. Het feit dat hier het getal 3000 genoemd wordt betekent dat het ging om achtergeblevenen uit het derde tijdvak.
 
Handel.2:40 En met vele andere woorden betuigde en vermaande hij hen, en zeide: Laat u redden van dit verkeerd geslacht.
41 Wie nu zijn woord gaarne aannamen, lieten zich dopen; en er werden op dien dag toegedaan omtrent drie duizend zielen.

4000

Als men het verhaal van de spijziging der 4000 leest en bemerkt, dat daar verscheidene symbolen in voorkomen, dan wordt het al spoedig duidelijk, dat het een aanschouwing betreft over de geestelijke spijziging van de mensen uit het 4e tijdperk, dus, tijdgenoten van jezus. Dit wordt al dadelijk bevestigd door de woorden, dat jezus de berg op ging; dat is geen plaats waar men zieken en gebrekkigen vindt; die kunnen immers geen gewone berg beklimmen. Bovendien zou een spijziging met stoffelijk brood slechts voor één of twee dagen nut hebben gehad. De berg in Matth. 15: 29 is symbolisch.

5000

Evenals de spijziging der 4000 is die van 5000 mensen een beeldverhaal, en wel van een toekomst-aanschouwing, want deze spijziging betreft de mensen van het 5e na-Atlantische tijdperk, althans de bloeitijd daarvan, die aanving in 1413, toen de zon in het midden van het sterrenbeeld de Vissen was aangekomen.
In onze tijd geeft de Heiland het geestelijk voedsel niet meer, zoals 2000 jaren geleden, overdag, maar bij nacht, als wij slapen en dus zijn uitgetreden met ons bovenstoffelijk wezen in de astrale sfeer. Deze wordt gesymboliseerd door het water, dus ook door de zee, en daarop duidt het schip, dat in Marc. 6: 32 wordt genoemd. De apostelen, waarvan sprake is in vs. 6: 30-33, zijn in dit verhaal de opvolgers van dezen, dus, de geestelijken.
Voor wie mocht twijfelen aan de uitleg van dit beeldverhaal, zij opgemerkt, dat een uitdeling van stoffelijk brood aan duizenden mensen beter overdag dan bij nacht zou kunnen geschieden. Het geldt hier inderdaad een geestelijke spijziging, en wel van alle mensen van onze tijd, die ervoor openstaan. In Marc. 6: 34 worden zij - de grote schare - vergeleken met schapen, die geen andere herder hebben dan Christus.

 

Uittreksels.

1. De goddelijke Drie-eenheid

 

Formeel wordt in de Bijbel niet gesproken van de goddelijke Drie-eenheid, maar wel worden God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest daar genoemd, soms zelfs tegelijk, zoals in 11 Kor. 13: 13, waar gezegd wordt: "De genade van de Heer Jezus Christus en de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u allen." Bekend is ook de oproep aan het slot van het Mattheüs-Evangelie om tot de volkeren te gaan en de mensen te dopen "in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes" .

 

Eerst na het heengaan van de Heiland is men ertoe gekomen, de leer op te bouwen over God, die één is en die tegelijk drie is. Dit ziet er aanvankelijk moeilijk uit, maar wanneer wij ons indenken, dat de Zoon en de Heilige Geest zó nauw met de Vader verbon­den zijn, dat wij hen kunnen beschouwen als deel uitmakend van Zijn wezen, dan hebben wij een beeld of een voorstelling met behulp van hetwelk wij verder kunnen komen.

 

Om een indruk te geven van datgene waar het hier om gaat, zij thans reeds gezegd, dat het O. T. de Vaderreligie brengt, het N. T. de Zoonsreligie, en voorts dat deze beide ten zeerste van elkander verschillen in de werking die zij op de mens uitoefenen.

Teneinde tot een overzicht te komen, doet men het beste, zijn aandacht te richten op de werkingen die uit de goddelijke wereld tot ons komen. In het kort samengevat, zien wij dan het volgende:

 

De Vaderwerking, bestemd voor de voorchristelijke tijden, toen de mensheid nog in het jeugdstadium verkeerde, en die zij passief onderging, als een werking der natuur. - Toen de Wet van Mozes kwam, die regelend optrad in het denkleven van de Israëliet door het voorschrijven van diens verhouding tot God, werd weliswaar medewerking van de mens verlangd, maar deze was toch nog passief.

 

In het "midden der tijden" kwam de Zoonswerking. Deze brengt de mens tot vrijheid en zelfstandigheid en vraagt diens actieve medewerking opdat hij tot loutering zal komen en verlost kan worden uit de zondeval. De Zoon wijst ons de weg die tot de verlossing voert. "Ik ben de weg, de waarheid en het leven." Alleen die weg voert tot het ware, eeuwige leven.

De werking van de Heilige Geest brengt ons het denken in de waarden en de normen van de goddelijke wereld. Zij vervangt de oorspronkelijke instinctieve samenhang tussen de mensen, die op de bloedverwantschap berustte, door de bewuste wereldbroeder­schap, want wanneer de mensen eenmaal uit de geest zullen gaan denken, zullen zij elkander verstaan en verdragen.

 

Onder de Zoonswerking en die van de Heilige Geest zal de mens boven de "natuurlijke" staat uitgroeien tot de geestelijke mens van de toekomst.

 

bron: Nieuw inzicht omrent de bijbel - J.G. Sutherland.

 

 

Gastenboek van Spirituele Vrienden.

  

Top 100 NL